Verlangen naar vroeger

Het zit verstopt in een hoekje, dat verlangen naar vroeger. Naar dat leven vóór kinderen. Het is eerlijk te zeggen dat het toen makkelijker was.

De deur uitgaan in twee seconden, na het werk in de zetel ploffen en elke nacht doorslapen. Blijven hangen op een terrasje, uitgaan. Nu allemaal zaken uit een vorig leven. 

Het kan nog, soms en gepland, met babysits die willen dat je op tijd thuis bent. Het is wennen en soms zelfs een beetje vervelend. Niet altijd makkelijk.

Je krijgt er veel voor terug dat wel. In de vorm van knuffels en kusjes, van “Ik zie je graag” en “Jij bent echt de beste van de hele wereld”. Het is vertederend, verrijkend, mooi en warm.

Dat wil niet zeggen dat er soms een verlangen is naar vroeger, naar makkelijk en ongegeneerd lui zijn. Dat moeten we gewoon durven toegeven. Weg met taboes en hallo aan dat verlangen dat soms aanwezig is. 

Het wordt makkelijker, kinderen worden ouder en met ouder worden komt zelfstandigheid. Zelfstandigheid die ons zal doen verlangen naar deze tijd.

De tijd toen het allemaal moeilijker was en ook knuffeliger, vertederender en zacht. En zo, kunnen we als ouder niet stoppen met verlangen. Het lot is van iedere ouder, verlangen naar vroeger.

Vel

Ik zou liegen als ik zou zeggen dat ik goed in mijn vel zit. Vel is er alvast genoeg. Aan mijn armen, mijn billen en mijn buik. Opnieuw, voor de tweede keer, kan ik aan die reis beginnen. De reis van terug in mijn lichaam zitten zoals ik het wil, zoals ik het goed vind en me goed kan voelen. Ik zou liegen als ik zou zeggen dat ik er al ben. In de spiegel kijken is lastig. Dat lichaam aanvaarden moeilijk. Baby’s krijgen is mooi, maar eens ze het lichaam van mama verlaten, laten ze een puinhoop achter of zo voelt het toch. Een puinhoop die hersteld moet worden en herstellen neemt tijd in beslag. Het voelt goed om te sporten, maar ik verbaas me er steeds over vanwaar ik kwam en waar ik nu sta. 

Baby’s krijgen is mooi, maar eens ze het lichaam van mama verlaten, laten ze een puinhoop achter of zo voelt het toch.”

Ik vraag me af of mensen soms ten volle beseffen wat dat met een mens kan doen, dat veranderende lichaam. Dat het met momenten mentaal moeilijk kan zijn om je lichaam niet meer te kennen zoals voorheen. Het is alvast geen afscheid, het zal een weerzien worden. Ik zal mijn lichaam weer graag zien, opnieuw leren kennen. Alleen nu nog niet. Nu ben ik er soms verdrietig om, en dat is ok. Ik kom er wel weer. 

Weten wat er mentaal allemaal veranderd wanneer er baby’s in het spel komen?‘Roze wolken en tequila’ is het antwoord voor al die bekommernissen. 

Moederschapsrust

Nu ik voor de tweede keer moeder werd word ik geregeld opnieuw overvallen door een oude frustratie. Ik ging op moederschapsrust. Een term die doet vermoeden dat het makkelijk en relax zal worden, dat moederschap. Een term die, het moet gezegd, niet verder van de waarheid kon liggen. Ik kan veel termen koppelen aan het moederschap, maar rust overkomt me behoorlijk weinig.

Foto door Anna Shvets

Als ik mijn lichaam niet aan het laten herstellen ben van mijn ‘zwangerschapsrust’ ben ik wel bezig met die baby in leven te houden. Het is een job zoals geen ander waarbij je inzet maximaal is, je je loon gereduceerd ziet en je pensioenrechten verdwijnen. Wie investeert in de toekomst van morgen hoeft geen financiële zekerheid, zo althans de overheid. 

En geloof me, toch krijg ik er veel voor terug. Soms in de vorm van zure melk over mijn kleren, maar even vaak op leukere manieren. Ik ben dan ook blij dat ik de tijd krijg om te wennen aan het feit dat ik moeder werd van twee kinderen die op me steunen. Maar die term, die dekt de lading niet. Geef mij maar ‘moederschapsinvestering’, want investeren in mijn kinderen dat doe ik zeker. Met een koffie in de hand, concealer onder de ogen en een zurig melkgeurtje op de kleren. Wat kan investeren toch mooi zijn. 

Liefde

Hoe voed ik mijn baby? Borst of fles? Het was iets wat me al bezighield van ver voordat ik opnieuw zwanger was. Mijn voedingsverhaal 1.0 was niet meteen een succesverhaal. Het putte me uit, deed mijn hormonen op hol slaan, mijn borsten leken oorlogsgebied en die baby kreeg niet genoeg melk om de honger voldoende te stillen. Resultaat: gestresseerde mama en gestresseerde baby. 

In mijn geval was ‘borst niet best’. Verre van zelfs. Alleen vroeg ik me af: was het dat niet omdat de eerste keer een moeilijk begin was en zou het de tweede keer wel lukken of was borstvoeden gewoon niets voor mij?

Foto door Sarah Chai

Ik wist het niet, gelukkig wisten mijn man en gynaecoloog het wel. Doe het niet, laat het los was het advies dat ik kreeg. Nu ik een flesvoedende moeder ben kan ik zeggen: het is de liefde die telt, niet borst of fles. Zonder het parcours van de borstvoedingszoektocht ben ik een rustigere moeder. Gelukkiger, meer in staat mijn baby te geven wat die nodig heeft en daar ben ik trots op. Deze keer zette ik mijn zuurstofmasker op voor ik dat van de baby opzette. Dat werkte beter dan omgekeerd. Wie dus twijfelt wat te doen: doe waar jij je goed bij voelt. Ook van flesvoeding krijg je gelukkige baby’s en al zeker een gelukkige moeder.

Meer weten over hoe je jezelf een rustigere kraamtijd kan geven los van voeding? ==>> Roze wolken& tequila (sinds 14/10 verkrijgbaar in de boekhandel) 

HUIS

Dat mama zijn, dat is niet persé altijd leuk. Het durft al eens pijn te doen en dan niet altijd op de emotioneel snotterende manier die geregeld gepaard gaat met het ouderschap. 

Neen, vandaag heb ik het over een pijn waarbij ik stokstijf stil in de zetel wil liggen in de hoop dat ik mijn lichaam niet meer voel. Een opdracht die moeilijk te behalen is wanneer je baby net een dag heeft waarin ze het liefst slaapt of rondkijkt wanneer ik rondwandel. Het is dan ook een geluk dat ik bij baby nummer twee me reeds neerlegde bij het feit dat baby’s zich doorgaans niet aan je eigen schema houden, maar dan nog. Een dag om af te tellen naar de bedtijd, dat is het zeker. 

foto door Kat Smith

Maar goed, gisteren maakte ik een capitale fout. Ik dacht even dat ik hetzelfde lichaam had als voor de zwangerschap. Vandaag echter, krijg ik de bevestiging dat dat lichaam nog niet zover is. Elke spier, elk gewricht in mijn lichaam voel ik en dat omdat ik, naast het veelvuldig dragen van onze dochter op de ene arm het ook nog eens nodig vond met de andere ons huis op te ruimen en met de nodige dozen te zeulen. Een vergissing, dat is duidelijk. Het was fout te denken dat wanneer je ergens mentaal behoefte aan hebt, de fysiek ook mee wil. Die fysiek, die loopt duidelijk achter. 

Zo bevestigde mijn lichaam dan ook wat ik in mijn achterhoofd wel wist. Wij kersverse mama’s, wij moeten voor onszelf zorgen. Dat opgeruimd huis dat rust geeft in ons hoofd, dat komt wel. Eerst zorg dragen voor dat ‘huis’ waarin onze baby groot mocht worden. Ons lichaam dat opnieuw verstevigd moet worden met de nodige rust en een occasionele spabehandeling. Alhoewel… occasioneel… you spoil yourself! Dat verdienen we allemaal!

Allen zonder alleen

Ze zijn met velen, de moeders die zich, net als ik op die donkergrijze wolk mochten bevinden. Ook meer dan we met z’n allen kunnen zien, zijn er die moeders die zich niet goed voelen bij dat eerste moederschap. Ze bevielen van hun baby en anders dan sociale media beloofden klikt het niet meteen. Het klikt niet meer met hun lichaam dat, los van de kilo’s, anders aanvoelt. Het klikt niet met de vermoeidheid die brutaal intens is door de onderbroken nachten of met het moederschap dat niet vanzelf blijkt te komen zoals vooraf gedacht. Je baby huilt of krijst en je weet die eerste weken en maanden niet instinctief of het nu gaat om honger ,krampen of die vervelende vuile pamper. 

Het ouderschap komt niet meteen natuurlijk. Het komt doordat je met de tijd de nodige ervaring opdoet en dat is soms moeilijk om te aanvaarden. Of toch zeker wanneer je er niet op voorbereid was, wanneer je dacht dat het anders zou lopen, gewoon makkelijker en meer vanzelfsprekend. Het is niet makkelijk om zo veel nieuwe zaken op korte tijd te aanvaarden, voor niemand is dat zo. Of het nu de moeder is met de baby die bijna nooit huilt of de baby die de nacht voor dag verwisselt. Waar een baby is zijn er worstelingen en met die worstelingen zijn we niet alleen. Dat wou ik gewoon even gezegd hebben, jij bent niet alleen, laten we dat met z’n alleen beseffen en steun zoeken, samen bij elkaar. 

Foto door Luxcama Sylvain

Mombrain

Er zijn zo van die dagen dat je als ouder trots kan zijn op jezelf. Dat je echt van jezelf vindt dat je een schouderklopje verdient, want “wauw, dat heb je fantastisch gedaan!”. Voordat ik die depressie doormaakte was ik niet zo snel om mezelf te bestoken met lof, maar gaandeweg, in mijn herstelproces, leerde ik echter dat we onszelf als ouder ook eens mogen complimenteren. 

Zo ook deze ochtend. Ik kon trots zijn op mezelf. Ik slaagde erin op te staan vóór de kindjes wakker werden, kon (kort) stretchen om vervolgens beide kindjes aan te kleden, eten te geven en de kleuter tijdig op school af te zetten. En nu stond ik hier, met de auto vijf minuten te vroeg in de rij van het containerpark om om negen uur binnen te mogen. De baby was net in slaap gevallen, de timing perfect en gelukkig zou het uitladen van de auto ook maar een paar minuten in beslag nemen. Wacht eens…uitladen… uitladen?? Ben ik nu echt naar het containerpark gereden zonder de auto in te laden?! 

Ja, hoor…natuurlijk staar ik nu in de koffer en kijkt een leegte me aan. Dat moederbrein echter, dat was duidelijk vrolijk ingestapt. Dat stuk onbenul dat plots de gastvrouw speelt in mijn brein en me geregeld parten speelt. Oja, zei ik al dat de rest van de dag totale chaos was?#eigenlofstiktzeker?

==>> meer te weten komen over het ‘mombrain’? Lees er alles over in ‘Roze wolken & tequila’.

Van weg naar terug

Het is lang geleden dat er nog een blog uit mijn vingers kroop. Lang geleden omdat ik het druk had. Op een jaar tijd veranderde ik van job, ontdekte dat ik zwanger was en schreef ik samen met twee andere auteurs een boek voor de zoekende ouder. Ik zat niet stil, dat kan je wel stellen. Het mooie aan zwanger zijn wanneer je een boek schrijft over diezelfde periode in je leven is dat je de voorgestelde tips meteen kan toepassen. En geloof me, toepassen dat deed ik. Het positieve effect daarvan, dat merkte ik. 

Ondertussen is het boek klaar, de baby geboren en begint het weer te jeuken om mijn dagelijkse worstelingen, ervaringen en stommiteiten opnieuw met jullie te delen. Zolang de baby er zin in heeft om me wat me-time te gunnen om te schrijven voorzie ik wie wil van verhalen over het ouderschap zoals het echt kan zijn. Zonder grijze of roze wolk, maar gewoon vanop een behoorlijk rustig plateau op een bankje met een glaasje. Als flesvoedende moeder mag het dan ook al eens wat sterkers zijn. Ik ben voor de tweede keer moeder en mag me voor het eerst auteur noemen. Bottoms up met dat shotje tequila. Zo komen we dan naadloos bij de naam van dat boek waar ik zo trots op ben: Roze wolken & tequila, vanaf 14/10 te koop online of in je boekenhandel.

WOESTIJN

Baby-oase

Soms voelt mijn leven voor de baby aan als een oase in de woestijn. Ik kan ernaar kijken vanop het zand en me afvragen hoe het voelde om tussen de bloemenpracht te staan. Het was leuk, het is er geweest, alleen lijken de gevoelens en emoties die ik toen doormaakte iets van heel lang geleden. Zo kreeg ik een tijd geleden de vraag of mijn trouwdag echt de mooiste dag was van mijn leven. Wanneer die vraag me voor de geboorte werd gesteld antwoorde ik volmondig “JA!”. Nu twijfelde ik, niet omdat ik vond van niet, maar ik probeerde de gevoelens van toen boven te halen en leek ze niet meer zo sterk te voelen als toen. Onze trouw leek al zo lang geleden terwijl we nog maar vier jaar getrouwd zijn. 

Tand des tijds

Onze trouwdag was toen absoluut een dag van liefde. Het was geweldig om al onze vrienden en familie op een plek verzameld te zien en er tot ’s ochtends een feest van te maken. Het was zo plezierig dat op het einde van het dansfeest iemand van het personeel ons kwam zeggen dat hij er zelf zo van genoten had omdat de sfeer zo goed zat. Allemaal gevoelens die naar de achtergrond zijn geschoven. 

Dat is wat tijd doet en voor sommige gevoelens is dat hoopvol. Hoe ouder mijn zoontje, hoe positiever mijn gevoelens ten opzichte van de babytijd. Hoopvol omdat al de negatieve gevoelens waarmee ik de afgelopen twee jaar in aanraking kwam ook door de tand des tijds naar achter geschoven zullen worden.Naar een plek in de woestijn die ik niet meer kan zien door alle bloemen die me omgeven in mijn oase. Met de zon op mijn hoofd, bloemen zover het zicht reikt en een fris drankje in de hand. 

Immuniteit

De titel is in deze tijd ongetwijfeld een trigger voor velen van ons. Wees gerust, ik ga het hier niet hebben over de C-immuniteit, wel over de M.V.A- immuniteit, oftewel Meningen Van Anderen. Iets waaraan ik sinds ik moeder werd veelvuldig aan werd blootgesteld. Voor iemand met een lage immuniteit door weinig zelfvertrouwen, een laag zelfbeeld en een hoge gevoeligheid, bleek ik behoorlijk vatbaar voor het fenomeen. Een beetje zoals een corona-risicopatiënt die zonder mondmasker een covid-afdeling van het ziekenhuis binnenwandelt. 

Vals positief

Zo onvoorbereid liet ik mijn immuniteit testen. De conclusie werd al snel: te weinig immuniteit, te vatbaar voor M.V.A. 

Het duurde niet snel voor de onzekerheid verergerde en het zelfbeeld volledig kelderde. Ik ontbrak de tools om om te gaan met meningen van anderen omtrent mijn moederschap. Daartegen was ik niet opgewassen. 

De conclusie werd al snel: 

te weinig immuniteit, te vatbaar.

De realiteit omtrent al deze meningen is dat ik voor de ene altijd een te aanwezige moeder zal zijn en voor de andere te weinig. Dat ik in de ogen van de een te streng ben en in die van de ander te laks. Te hippie of te strikt en net niet goed genoeg.

Loslaten

De conclusie die ik ondertussen kan trekken is dat ik voor niemand goed kan doen omdat iedere ouder zijn accenten anders legt. Dat is goed. Het is alleen dat dat niet hoeft te betekenen dat een ander het daarom minder goed doet. Die doet het gewoon anders en anders is ook goed. Even goed zoals jij ook je best doet. 

Geloof me vrij dat ook ik moet oefenen in het loslaten van mijn eigen mening over anderen en hun ‘parenting skills’, maar het is iets waar ik sinds ik moeder ben geworden bewuster mee bezig ben.

Ondertussen vind ik het boeiend om te kijken hoe anderen omgaan met hun kinderen, in het besef dat die kinderen anders zijn dan de mijne. 

Doorgaans probeer ik alleen mijn mening te geven wanneer daar om gevraagd wordt. Een voorbeeld dat de rest van de wereld gerust mag volgen. Laat de competitie los van ‘ik doe het beter dan jij’ en laten we gewoon er meer voor elkaar zijn. Laten we het veroordelende karakter dat soms rust op onze ouderlijke beslissingen gewoon met z’n allen loslaten. Jij doet waarschijnlijk, net zoals ik, ook maar wat en dat is prima. 

PERFECT MOM

De perfecte moeder zijn, het was een doel dat ik mezelf onbewust had opgelegd. Of dat is althans hoe ik er nu over denk. Het is de enige manier voor mezelf om te verklaren waarom ik met zoveel onzekerheden zat. Doe ik het wel goed, of doe ik het wel goed genoeg? En vooral, waarom doen al die moeders het zo fantastisch en ik niet? 

Dat waren doorgaans de vragen die op dagelijkse basis door mijn hoofd spookten. Naast dan die andere vragen van “Wat moet ik vandaag doen om de baby rustig te krijgen?”. Al dat advies dat ik van mijn omgeving kreeg was lief en goed bedoelde raad, maar maakte me onzekerder. Bij hen werkte dat wel, waarom kwam ik daar zelf niet op? En als ik daar zelf niet op kan komen, ben ik dan een slechte moeder?

Kalmte na de storm

Ondertussen ben ik rustiger geworden. De hoeveelheid advies van de omgeving daalt naarmate je kind groter wordt. Zelf ben ik ook aardiger geworden voor mezelf. Ik relativeer meer en besef dat perfectie voor twee zaken staat waar ik niet naar wil streven. 

“That’s how we roll 

en met perfectie rolt er maar weinig”

Perfectie is niet te bereiken omdat je de lat altijd weer hoger legt en vooral ook: het is niet leuk, niet plezierig of ontspannen. Het staat mooi op een instagramfoto als momentopname, maar het is geen situatie die we blijvend kunnen vasthouden. 

Dat mooie kleedje dat ik aanheb op die zogezegde ‘perfecte’ foto wordt hoogstwaarschijnlijk spoedig gebruikt als zakdoek door de peuter. En desbetreffende peuter zal drie minuten later een gigantische woedeuitbarsting krijgen. That’s how we roll en perfectie rolt maar zelden de goede kant op. 

Best ok

Omdat het moederschap voor mij nu meer gaat over opvoeden en het doorgeven van waarden en normen is het iets waar ik veel over nadenk de laatste tijd. Wat zijn mijn waarden en normen? Wat kreeg ik mee van thuis en hoe gingen mijn ouders om met opvoeden en hoe ervaarde ik dat als kind? De conclusie die ik kan maken is dat ik blij ben met de opvoeding die ik heb gehad, maar dat mijn opvoeding niet perfect was. 

En dat is volstrekt logisch: in een opvoeding kan je nog zo je best doen als ouder, het feit blijft dat je waarschijnlijk te veel geeft van het een en te weinig de nadruk legt op het ander. Neem daarom een stap achteruit en kijk naar het totaal plaatje. Wees lief voor jezelf en wat je dan ziet is best iets om trots op te zijn. 

VOL

Vliegen in diepgang

Er was een tijd dat een vol leven voor mij niet meer betekende dan een overvolle agenda. Vliegen van hier naar daar, dat was hoe het leven er moest uitzien dacht ik. Ondertussen leerde ik bij. Ik leerde dat een volle agenda uiteindelijk meer leeg is dan vol. Dat het vliegen maakt dat je overal de oppervlakte raakt en geen diepte kan vinden. 

Wie volheid wil in het leven vindt dat op andere plekken. Ik leerde het deels door het traject dat ik de afgelopen twee jaar liep, ook vond ik het in de verplichte lege corona-agenda. 

Door niet van hier naar daar te hossen merkte ik meer geëngageerd te zijn in de afspraken die wel in mijn agenda stonden. Die afspraken werden meer iets om naar uit te kijken en om meer van te genieten. Om zorgvuldiger uit te kiezen met wie je afspreekt en er meer tijd voor te maken. 

Tegelijkertijd was het ook een moment om te leren dat gezinstijd niet iets hoeft te zijn dat je plant, maar dat het iets is dat spontaan dient te zijn. Dat lege(re) agenda’s maken dat je op de dag zelf kan beslissen met het gezin uitstapjes te doen naargelang je goesting. 

“Vrijheid zit hem in vrije tijd”

Vrijheid= blijheid

Dit alles doet me voelen dat het leven waarvan ik voordien dacht dat het vrijheid was, eerder een belemmering vormde. Dat het te strikt voelde, te gepland, te weinig tijd voor spontaniteit en de goesting van het moment. Vrijheid zit hem in vrije tijd. Vrije tijd die we met z’n allen nu misschien net iets te veel hadden, alleen weet ik niet of ik dat erg vind. Die vrije tijd maakte dat ik over dingen echt ben beginnen nadenken, dat ik creatiever kon zijn en projecten op poten kon zetten waar ik anders nooit aan begonnen was, want ja… geen tijd, te druk, te moe, te gestresseerd. 

Een leven van té is niet meer wat ik zoek, want té is vliegen en vliegen is alleen maar de oppervlakte raken van wat mogelijk is in je leven zonder het écht te beleven. Geef mij maar echt, geef mij maar diepgang en als het kan in combinatie met een echt restaurantbezoek ben ik helemaal gelukkig.

Kop in het zand

Sinds ik een depressie overwon kijk ik met aandachtige ogen hoe anderen omgaan met het krijgen van baby’s en de daarbij horende moeilijkheden. Ik stel vast dat doorgaans de meeste ouders meer voelen voor subtiel wegstoppen van wat zich achter de schermen afspeelt in plaats van moeilijkheden te delen met anderen. Dat vind ik jammer. Persoonlijk zou het mij een minder eenzaam gevoel geven ook van anderen te horen te krijgen dat ze worstelen met het ouderschap en zelfs in die mate dat er psychologische ondersteuning nodig is.

Op de sukkel

Uiteraard wens ik dat parcours niemand toe, maar het zou geruststellend zijn te weten dat ik niet de enige op deze planeet ben die ernstig heeft liggen sukkelen. Het zou me vaker het gevoel geven dat mijn parcours meer normaal is en niet zozeer uitzonderlijk. Als ik de cijfers mag geloven ben ik dat ook niet, die uitzondering. Alleen weten die anderen zich goed te verstoppen en kom ik ze zelden tegen. 

“Geen mentale knobbel en bijgevolg geen hulp nodig lijkt de standaard redenering.”

De knobbel

In mijn observaties van het afgelopen jaar viel me verder nog iets op. Doorgaans denken we anders te moeten omgaan met mentale dan met fysieke moeilijkheden. 

Wanneer ik bijvoorbeeld een knobbeltje in mijn borst voel ben ik gealarmeerd. Ik maak een afspraak bij de dokter, laat zonder morren de nodige onderzoeken doen en wanneer er wordt vastgesteld dat ik borstkanker heb, zal ik vervolgens aan de voorgestelde behandelingen beginnen zonder me daar al te veel vragen over te stellen. 

Bij mentale moeilijkheden ligt het anders. Wie het moeilijk heeft op dat gebied, heeft minder snel de neiging te denken aan hulpverlening dan wanneer het over fysieke moeilijkheden gaat. Iets dat we fysiek niet kunnen vaststellen hoeven we niet te behandelen. Geen mentale knobbel en bijgevolg geen hulp nodig lijkt de standaard redenering. De stap zetten naar hulpverlening vraagt dat je toegeeft aan jezelf dat het niet goed gaat. Uit ervaring weet ik dat dat enorm moeilijk is.

“Met de tijd zal het wel beteren.”

Time will tell

Mijn man had me al verschillende keren gevraagd of ik niet beter hulp zou zoeken en telkens kwam ik met hetzelfde antwoord “Met de tijd zal het wel beteren.”. Alleen, is dat echt zo? In mijn geval alvast niet. Zonder extra ondersteuning was ik er niet gekomen en daar hoef ik geen geheim van te maken. 

Vanwaar komt de redenering dat mentale moeilijkheden gewoon maar moeten verdwijnen? Waarom kunnen we er niet meer proactief inzitten, zoals we doen bij fysieke moeilijkheden? Wanneer ik me niet goed voel in het moederschap en daarover met een hulpverlener ga praten om er achter te komen of dat gevoel zich binnen de grenzen van het normale bevindt of niet, lijkt me niet zo’n gekke redenering. En toch krijgen veel mensen dat moeilijk aan zichzelf verkocht.

“Is het niet eerder iets om te bewonderen van elkaar?”

Waarom kunnen we, wanneer het gaat over mentale moeilijkheden niet meer aftastend zijn en gewoon nagaan of we die extra ondersteuning kunnen gebruiken of niet? Is het niet eerder iets om te bewonderen van elkaar dan om schaamte voor te voelen wanneer we onze problemen aanpakken i. p.v.  ze te laten aanslepen met alle gevolgen van dien? Een probleem oplossen is in mijn ogen veel waardevoller dan met alle moeite van de wereld ons hoofd boven water proberen te houden. 

DE TWEESTRIJD

Het jeukt

Ik heb ergens last van. Het begon een tijdje geleden, heel sluimerend, maar ondertussen neemt het enorme proporties aan. De natuur heeft me stevig te pakken. Na al het geworstel van de afgelopen jaren kan ik nu enkel aan mooie en schattige baby’s denken die rustig op je buik slapen. Ik weet het, geen realistisch beeld, want die slapeloze nachten zie ik niet in mijn gedachten. Echter, toen ik onlangs in mijn ooghoek een babyfoto zag verschijnen viel ik bijna in zwijm. Het absolute teken voor mij dat de natuur me iets wil vertellen. 

“Die vogel is gevlogen toen we voor die eerste baby gingen.”

‘Flow’ en andere misvattingen

In tegenstelling tot wat ik zie gebeuren in de omgeving rond mij, zitten mijn man en ik niet in de luxepositie van ‘go with the flow’.  Van “laten we stoppen met anticonceptie en kijken wat er ons overkomt” en “laten we in een recordtempo ons gezin uitbreiden.” Die vogel is gevlogen toen we voor die eerste baby gingen. Vanaf dan hebben wij ons ticketje op spontaniteit in kinderwensen verkocht. Mijn man en ik zijn op dat gebied uit evenwicht. 

Mijn lichaam vertelt me duidelijk dat ik klaar ben voor een nieuwe baby en ik heb er ook vertrouwen in dat het deze keer wel goed kan lopen. Ik leerde veel de afgelopen tijd, we hebben een duidelijk vangnet en zijn nu in de mogelijkheid ons echt goed voor te bereiden op wat komen gaat. Of dat is toch mijn gevoel.

Langs mijn man zijn kant ligt het anders. De angst op herval is er nog, het vertrouwen in mij en onze relatie moet nog groeien. Mijn man wil vooral rust. Genieten van het rustigere water dat we ondertussen bereikt hebben. Die gevoelens mogen er zijn en ik begrijp ze ook. Wat wij hebben meegemaakt is niet evident en met de situatie die ons overkwam zijn we beiden op een verschillende manier omgegaan wat maakt dat onze verwerking niet evenwichtig verliep. Dat respecteer ik ook. Vroeger dacht ik dat een gezin stichten ging als volgt: je stopt met anticonceptie, hebt baby nr. een en gaat over naar baby nr. twee zonder na te denken. Het kwam nooit bij me op dat het ook geen vlotte flow kan zijn. Dat het elke keer stoppen met de anticonceptie een weloverwogen keuze kan zijn waaraan vooraf opnieuw vertrouwen gewonnen diende te worden. 

“Tijd brengt raad”

Rustig water

Versta me niet verkeerd, ik sta volledig aan de kant van mijn man. Wij zijn niet in de mogelijkheid opnieuw aan een baby te beginnen zolang we ons daar allebei niet goed bij voelen. Onze relatie moet sterk genoeg zijn om de druk van een pasgeboren baby op de relatie opnieuw aan te kunnen. Dat is onze situatie die ik accepteer. Alleen wil dat niet zeggen dat ik er geen traan om heb gelaten. Ik snak naar een herkansing, naar spontaniteit en flow op het gebied van gezinsuitbreiding en tegelijkertijd wil ik ook de balans in onze relatie behouden waar we nu zo hard aan werken. 

‘Tijd brengt raad’ zoals ze zo mooi zeggen. En als dat zover is dan weet ik dat het een beslissing is die wij met twee hebben genomen en zoiets kan alleen maar enorm waardevol zijn. 

De nageboorte

Mooi en kak tegelijk 

Daar lag ik dan op de bevallingstafel met mijn baby op mijn borst. Een schattig nieuw mensje dat nu deel was geworden van onze familie. Het was overweldigend, magisch en mooi tot bleek dat de baby van pure ontspanning zijn eerste stoelgang vakkundig op mijn buik had uitgesmeerd. ‘Shit just got real’. 

Meteen werd ik geconfronteerd met de clichés omtrent bevallen en hoe deze niet overeenkomen met de realiteit. Voor mij althans toch. Wie moet bevallen krijgt vooraf meermaals te horen dat zodra je dat kleine bundeltje geluk in je armen houdt, je al het voorgaande bent vergeten. 

This is me and my baby (moe-blij-ondergescheten)

Cliché onwaardig

Wel, ik kan je zeggen, zelfs na meer dan twee jaar ben ik voorafgaande niet vergeten. Ik weet nog hoe het was om te bevallen en ik weet dat de gebeurtenis op zich een behoorlijke impact op me had. Ik was er zo door bevangen dat ik, tot ergernis van mijn man en waarschijnlijk ook ons bezoek, er niet over kon zwijgen. Bij elk babybezoek moest ik het weer bovenhalen, mijn bevallingsverhaal. Niet per se om anderen te laten weten hoe het was, maar louter om het van me af te kunnen praten. 

Enkele maanden later, toen uitkwam dat ik met een postpartum depressie te maken had bleek een volgend cliché opnieuw niet overeen te komen met de realiteit. Ik was namelijk niet de moeder die vanaf dag één geen moedergevoelens koesterde richting haar baby. 

Dat is namelijk hoe we voorgesteld worden, moeders met een postpartum depressie. Geen gevoelens en geen interesse in hun baby. Ik heb momenten gehad dat ik zo uitgeput was dat ik mijn baby niet meer kon troosten wanneer die huilde, alleen kwamen die depressieve gevoelens pas later opzetten. Dat eerste moment met die baby in mijn armen was ik euforisch. 

“Clichés komen niet overeen met de realiteit”

Leren van variëren 

In mijn ogen zorgt het vertellen van zaken in clichés ervoor dat je niet stilstaat bij de mogelijkheid van variaties op het onderwerp. Zo kan je je baby verliefd vasthouden vlak na de bevalling en die bevalling an sich nog steeds akelig vinden. Of heb je een beginnende postpartum depressie en ben je nog steeds in staat om te zorgen voor je baby en die baby graag te zien. Ook dat kan.

Een leven bestaat niet uit clichés dus waarom zouden onze ervaringen ook alleen daaruit moeten bestaan? Zo werken de dingen niet. Om het bevallings- en postpartumleven een andere status te geven dan enkel clichéverhalen ben ik erge voorstander van het delen van eerlijke ervaringen met elkaar. 

“Ik ben erge voorstander van het delen 

van eerlijke ervaringen met elkaar.”

Sharing is caring

Niemand heeft moeite om de positieve ervaringen en gevoelens te delen, maar wanneer het gaat over de moeilijkere ervaringen in het hele (post)partum verhaal, blokkeren we. Is het dat we niet aan gezichtsverlies willen lijden tegenover onze omgeving of willen we gewoon graag in het hokje passen? Wat de drempel ook is, het is jammer dat die überhaupt bestaat. 

Door onze ervaringen eerlijk met elkaar te delen leren we met z’n allen om sneller te herkennen wat normaal is en wat niet. Zo kunnen we vooral leren van elkaar. 

Dat je door ervaringen te delen -goed of slecht- anderen kan helpen richting een zonniger pad kan je eigen pad alleen maar lichter maken. Als dat niet iets is om over na te denken?

VERLOS ME!

Al vier uur lang hingen mijn buik en ik aan de monitor. Ik kan je verzekeren, voor iemand met rugweeën is dat geen cadeau. Ik wilde niets liever dan bewegen en rondwandelen, maar lag verplicht stil met als enige optie de wee weg te puffen. Dat mijn ontsluiting na vier uur amper geëvolueerd was deed me vrezen naar huis te worden gestuurd. Ik had graag de zekerheid dat ik mijn weeën kon wegpuffen met de optie verdoving te kiezen. Ik was niet zeker of ik een epidurale verdoving wilde, maar gewoon de idee dat er opties waren leek me fijn. 

“Mijn toegangskaartje tot het verloskwartier werd gevalideerd”

Toegangskaart

Gelukkig voor mij zag de vroedvrouw dat ik best ongemakkelijk was; ze stuurde me niet naar huis. Mijn toegangskaartje tot het verloskwartier werd gevalideerd en met een verblijf van twee nachten alvorens ik onze baby kon vasthouden, heb ik er alles uitgehaald wat erin zat. 

Ik zat in het bad, hing aan de deuren of deed een dansje met mijn man bij hevige weeën. Voor mij de beste manier om de pijn te verbijten. Ik zag vier shiften aan vroedvrouwen passeren en kon met elk exemplaar een leuke babbel aanvatten. Was jaloers op mijn man die spaghetti kon eten terwijl ikzelf het moest doen met druivensuiker, sportdrank of dat stiekeme koekje bij een theetje. Ik liet die epidurale prikken, liet mijn vliezen breken en ging meer dan een uur op handen en knieën zitten omdat dat een goed idee zou zijn wanneer je baby een ‘sterrenkijker’[1] is. Ik kreeg weeën-opwekkers en een nieuw infuus voor mijn epidurale verdoving. Dat alles vond plaats nog voordat er ook maar een perswee aan te pas kwam. 

“Tussen elke wee door hadden we een amusant gesprek ”

Uitputtingsslag

Je kan je dus voorstellen, of net niet, dat tegen de tijd er ook effectief geperst mocht worden ik behoorlijk uitgeput was. De gynaecologe, een vervangster omdat de mijne een lang weekend verlof had, zag het helemaal zitten. Ze stelde me gerust en liet me weten dat ik het persen onder de knie had. Tussen elke wee door hadden we een amusant gesprek over de nood aan een sushi take-out in het ziekenhuis en andere koetjes en kalfjes. 

Spiegeltje, spiegeltje,…

Of dat toch het eerste halfuur. Na dertig minuten persen was ik uitgeput en niet meer in staat gegronde beslissingen te maken. Dat de vroedvrouw plots afkwam met het voorstel of ik wilde zien hoe ver ik reeds gevorderd was en ik daarop volmondig “Ja!”  antwoordde, was ondoordacht. 

Moeders in spe: zeg neen tegen dé spiegel. Dat is mijn raad alvast. Wie ja zegt krijgt een beeld te zien van diens vaginale toestand dat je nooit meer kan wissen. Het ziet er niet uit, ‘de mid-geboorte-vagina’. En is tevens een beeld dat ik liefst niet op mijn netvlies had laten branden. Na dit demotiverende beeld was ik zo uitgeput dat de vroedvrouw mee kwam duwen op mijn buik. 

“Moeders in spé: zeg neen tegen dé spiegel.”

Step into the light

Er werd geduwd en nog steeds wilde die baby de uitgang niet vinden. Er werd geknipt en een zuignap geplaatst die snel losschoot omwille van het vele haar dat onze baby reeds op zijn kruin had. Uiteindelijk stroopte de gynaecoloog haar mouwen op en trok de baby er zo uit. Dat het dus even duurde voor ik weer op een normale manier kon zitten hoeft niet te verbazen, maar daar was onze baby. 

Echt een magisch moment om die pruts voor de eerste keer vast te kunnen houden. Ik was dan nog zo uitgeput, maar dat moment wilde ik voor geen geld van de wereld missen. Dat we het geslacht niet wisten en het daar te weten kwamen maakte het moment alleen nog magischer. Hier was ie dan, ons zoontje!


[1] Wanneer de baby zo ligt dat hij bij de geboorte naar boven kijkt i.p.v. naar beneden.

BEVALLIG??

Om in lijn te blijven met mijn zwangerschap was mijn bevalling niet bevallig. Het begon, het duurde, deed pijn en toen begon het eigenlijk pas echt. Toch was het allemaal best spannend. Voor de eerste keer bevallen begon bij mij met een gezonde portie ‘hoofd in het zand steken’. Ik wilde gaan slapen, maar had last van harde buiken of dat dacht ik toch dat het was. 

Freaky

Ik had namelijk de verzekering gekregen dat ik overtijd zou gaan en we waren slechts vier dagen verwijderd van de uitgerekende datum. Niets om over te panikeren.

Slapen lukte me die avond echter niet. Daarom leek het me omstreeks middernacht een fantastisch idee de keuken te poetsen. Wat doet een mens anders wanneer je niet kan slapen? Ik weet het, … allesbehalve een keuken poetsen, maar toen voelde ik een plotse drang waaraan ik moest toegeven. Ik denk dat het iets te maken had met nestdrang.

“Verdwenen de harde buiken, dan kon ik gaan slapen. Zo niet, … wel dat zag ik dan wel”

Omdat het poetsen van de keuken mijn pijn niet had gereduceerd- neen, hoe zou het ook- bedacht ik me dat een warm bad soelaas zou bieden. Verdwenen de harde buiken, dan kon ik gaan slapen. Zo niet, … wel dat zag ik dan wel. Stilletjes aan begon het besef te komen dat dit iets meer zou kunnen zijn dan enkel harde buiken. 

“Verdorie, dit zou het wel eens kunnen zijn.”

Stijl

Het warme bad waar ik een uur lang hardnekkig in bleef liggen zorgde niet voor de nodige ontspanning. “Verdorie, dit zou het wel eens kunnen zijn.” dacht ik bij mezelf. “Ben ik hier wel klaar voor?” Om de lichte paniek weg te werken begon ik vervolgens mijn haar te stijlen. Wat doe je anders wanneer je weeën hebt? Opnieuw, waarschijnlijk geheel andere dingen, maar ik moest de tijd zien te verdrijven. Ik wilde twee dingen. Allereerst mijn man nog niet alarmeren en vervolgens niet te vroeg naar het ziekenhuis vertrekken. Bijgevolg dwaalde ik rond in huis op zoek naar afleiding om tegen drie uur ‘s nachts mijn man dan toch maar wakker te maken. Nog steeds onzeker of het niet te vroeg zou zijn voor het ziekenhuis besloot ik het verloskwartier te bellen. Daar wilden ze me gerust even aan de monitor leggen. 

Mijn man sprong onder de douche, we laadden de auto in met onze valiesjes en vertrokken richting ziekenhuis. Reden de spoed binnen en werden begeleid naar het verloskwartier. Een wandeling die ik weigerde te maken met de rolstoel. Ik had me al lang genoeg een gehandicapte walvis gevoeld. Dan werden mijn buik en ik aangesloten op de monitor. “Ik hoop dat we elkaar spoedig zullen ontmoeten kleintje.” dacht ik nog. Alleen, ‘spoedig’,… ik kon er niet verder naast zitten. 

Lichamelijke kwesties

Sinds ik het volledige babyparcours heb doorlopen leerde ik veel bij. Ook over dingen die ik tijdens mijn zwangerschap absoluut nog niet belangrijk vond. Zelfzorg was zoiets dat niet op mijn lijstje stond. Mezelf verder pushen, daar was ik goed in. Al van toen ik vier maanden zwanger was, had ik geregeld harde buiken. Nu zou ik erbij stilstaan dat mijn lichaam me waarschijnlijk iets wilde vertellen. Toen was de enige gedachte die bij me opkwam: “doe niet zo flauw en doe gewoon voort”. Ergens had ik voor mezelf het beeld gecreëerd dat zwangere vrouwen leven zoals niet-zwangeren. Dit, met als enige verschil dat de ene een dikke buik heeft door een baby en de andere een buik kan hebben van dat ene snoepje te veel. 

“Niet de manke, steunkousen dragende walvis vibe die ik eerder uitstraalde.”

Push it real good

Wellicht verkeerd maar toch niet onbegrijpelijk dat ik met dat idee rondliep. In de media worden zwangere vrouwen doorgaans fris en stralend voorgesteld. Niet de manke, steunkousen dragende walvis vibe die ik eerder uitstraalde. In mijn omgeving, en dan misschien voornamelijk in mijn werkomgeving werd ik om de oren geslagen met uitspraken als “ in mijn tijd deden we daar niet zo flauw over” en “ja, ook wij vonden dat lastig, maar wij beten op onze tanden”. Allemaal zaken waardoor je denkt dat het niet geapprecieerd is wanneer je te kennen geeft zwanger zijn niet leuk te vinden. Maakt tevens dat je jezelf blijft pushen, of zo was ik toch. 

“Ook wij beten op onze tanden”

Zetelmomenten

Alleen: voor wat en voor wie? Ik pushte mijn lichaam zo ver dat ik de eerste maand van mijn bevallingsverlof enkel in de zetel heb kunnen doorbrengen omdat ik zo over de schreef was gegaan. En daar in die zetel heb ik vaak nagedacht. Waarom is het voor onze (werk)omgeving zo moeilijk te aanvaarden dat zwangeren zorg moeten kunnen dragen voor hun lichaam en dat die zorg vaak inhoudt dat we een stapje terug moeten zetten? 

Dat dat betekent dat we soms vroeger dan voorzien worden thuis geschreven? Niet omdat we profiteurs zijn van een systeem, maar omdat ons lichaam een baby aan het grootmaken is en dit veel kan vragen van een lichaam. Is het dan zo verkeerd dat we op een gepaste manier zorg willen dragen voor dat lichaam? Moeten we voor zulke zaken veroordeeld worden of mogen we misschien ook eens een complimentje verwachten van onze omgeving dat we het luisteren naar ons lichaam vooropstellen en ons niet laten leiden door de verwachtingen van buitenaf?

“mogen we misschien ook eens een complimentje verwachten van onze omgeving”

Dat is waar ik absoluut voor pleit en wat ik bij een eventuele nieuwe zwangerschap ook hoop waar te maken. Het luisteren naar een zwanger lichaam hoort voorop te staan. Al de rest komt later wel. 

Laatste loodjes

Hoe dichter ik de uitgerekende datum naderde, hoe meer ik er klaar voor was. Niet om te bevallen of van mijn zwangerschap af te zijn, dat niet. Vreemd genoeg was ik helemaal klaar om over tijd te gaan. 

Vakantie

De uitgerekende datum overschrijden leek me zoiets als vakantie. De agenda was vanaf dan echt leeg, alle voorbereidingen waren getroffen en klaar. Na die datum zou ik eindelijk stoppen met het pushen van mijn lichaam en kon ik zonder schroom dagen in de zetel hangen. Eindelijk naar mijn lichaam luisteren, iets waar ik tot voordien niet in uitblonk.  

Rariteiten

 Zwanger zijn vond ik nog steeds niet leuk, maar de idee dat ik die ‘overtijd-tijd’ kon gebruiken om eindelijk naar mijn lichaam te luisteren leek me echt geweldig. Verder bleef ik mijn vreemde zwangere zelf. Ik had iets met geuren. Zo kon ik het niet laten bij een tankbeurt mijn raampje open te draaien en die ‘heerlijke’ geur naar binnen te snuiven. Of bij schrijffouten op de geboortekaartjes de typex duchtig langs mijn neus te waaien.

Relax

Op consultatie bij de gynaecologe werd ik verzekerd van nog een extra week zwangerschap. De kaarten lagen goed. Er werd zelfs gesproken over een eventuele inleiding na een week. Na het lange weekend dat ze nam zagen we elkaar zeker weer. 

Volledig gerustgesteld verliet ik bijgevolg de consultatie. Die avond lag ik rechtop in bed – dankjewel maagzuur – te dromen over mijn ‘overtijd-leven’. Ik zag mezelf al in de zetel liggen, geheel relax. Slapen – dutten – slapen en af en toe wat (on)gezond eten. Dat mijn zwangere lichaam zich tot dan toe nog nooit aan mijn scenario’s hield had ik ergens wel kunnen denken. 

Weeïg gevoel

Ik weet nog dat ik twee dagen voor mijn uitgerekende datum bij mezelf dacht hoe moe ik was. Ik wilde echt alleen nog maar rusten, zo uitgeput voelde ik me. Alleen ging er van rust niet meer veel in huis komen, want rara… die nacht kwamen de weeën. 

Reflecterend op deze eerdere ervaring besef ik nu meer dan ooit: wij zwangere vrouwen moeten luisteren naar ons lichaam. En dat luisteren houdt vaak in dat we stappen terug moeten zetten. Dat is niet leuk, want eigenlijk willen we gewoon blijven leven zoals we voor onze zwangerschap deden. En toch is net dat het belangrijkste wat we onszelf op dat ogenblik kunnen gunnen.

Het walvisleven

Mijn vader en ik hebben sinds ik een tiener werd de gewoonte op een vader- dochter etentje te gaan. Een moment waarop we echt de tijd maken elkaar beter te leren kennen. Mijn papa heeft altijd een drukke job gehad waardoor er doorheen de week niet vaak tijd was voor quality time. Dat etentje hebben we dus nooit overgeslagen. Omdat ik dat jaar zwanger was en enorm veel last had van maagzuuroprispingen besloten we dat een dinertje me niet gelukkig zou maken en een brunch daarentegen wel. 

Brunchen

Ik had veel goeds gehoord over de brunch van de Bourla in Antwerpen en wilde die mooie setting graag eens van dichtbij bekijken. Een reservatie werd gemaakt en enkele weken later was het zover: de vader-dochter brunch kon van start gaan. Alleen had het noodlot – of moet ik zeggen ‘de gewone gang van zwangerschapszaken’ – weer toegeslagen. Op de een of andere manier was mijn heup erin geslaagd te blokkeren wat als gevolg had dat ik mijn broeken en sokken niet meer zelf kon aandoen. 

Let wel, ik zeg hier sokken, maar eigenlijk bedoel ik van die huidskleurige dingen die van je tenen tot aan je heup lopen en de testikels van elke man naar binnen doen kruipen. Steunkousen, over die sokken heb ik het dus. Dat je man daardoor elke ochtend van dichtbij geconfronteerd wordt met die lelijke ondingen deed ons resterende seksleven verder geen deugd. Dat geheel terzijde, door die blokkage kon ik ook niet meer normaal stappen. Krukken waren een oplossing maar geen bevordering voor mijn zelfbeeld. Hoogzwanger en in het bezit van krukken word je behoorlijk nagekeken door pakweg iedereen. Want zeg nu zelf, wie heeft er al eens een mindervalide walvis van dichtbij gezien? 

foto Someecards

Liever met twee

Aangezien ik een dochter ben van mijn vader had mijn papa ook iets opgelopen. Of beter: hij was iets tegengekomen. Meerbepaald: een losliggende klinker op straat met een gebroken teen als gevolg. Omdat we in deze familie niet flauw doen over iets gebroken diende ik de manke pas van mijn papa erbij te nemen. Dat de brunchplaats op de eerste verdieping lag en de lift kapot was, was geen al te beste start van de ochtend. Eenmaal boven gestrompeld en gepikkeld werden we hartelijk verwelkomd door de dienster die ons ook nog even informeerde dat het ging over een buffetformule. Vervolgens wees ze onze plaats aan ergens achteraan in de zaal, draaide zich om, bekeek mij en mijn vader van kop tot teen en vroeg vervolgens of een plaats dichterbij het buffet niet wenselijker was. Beiden knikten we instemmend. 

Staar maar raak

Zo’n tafeltje vooraan aan het buffet had twee voordelen: wij konden het buffet iets makkelijker bereiken en alle andere buffetgasten konden dat stel mankepoten eens goed bekijken. Dat een bord vasthouden en met een kruk lopen tot gênante situaties kan leiden deed iedereen op het puntje van zijn stoel zitten. 

Zo, daar was ik weer. Het punt bereikt waar ik me weer stralend zwanger wilde voelen en het tegenovergestelde opnieuw waar was. Opnieuw gefaald voor de instagramtest, want instagramwaardig was het niet. Het was wel gezellig, maar aangestaard worden door de ganse goegemeente is dat doorgaans niet echt. In het zwanger zijn wilde ik me minder een rariteit voelen en meer bloeiend. Alleen: wat doe je als dat niet lukt? Als je de verkeerde zwangerschapskaart trok en er gewoon niet veel moois aan is. Ik lachte het in eerste instantie weg, maakte er mopjes over en dacht dat het wel beter ging gaan. Als ik nu terugblik op mijn zwangerschap heb ik een ding geleerd: durf aan je gynaecoloog toegeven dat het niet goed gaat. Ik wilde nooit klagen, niet lastig zijn, maar had ik mijn ongemakken besproken waren er misschien wel meer oplossingen naar bovengekomen dan nu het geval was. Voor mij blijft de absolute algemene regel: maak dingen bespreekbaar! Met je omgeving en met je gynaecoloog. We kunnen zoveel van elkaar leren dus waarom zouden we die last op ons eentje blijven dragen? 

Zalig zwanger

Zwanger zijn was niet iets waarin ik floreerde. Ik had nochtans een duidelijk plan opgesteld: blijven sporten, gezond eten, niet te veel bijkomen en er bloeiend zwanger uitzien. In dat plan was ik even vergeten dat zwanger zijn niet draait om er goed uitzien, maar dat er een mensje in je groot wordt wat bijgevolg veel van je lichaam kan vragen. In mijn geval was dat best veel, of zo hoorde ik het althans van vriendinnen. Het contrast tussen mijn zwangerschap en die van anderen was zelfs zo groot dat andere zwangere vriendinnen zich ongemakkelijk voelden om toe te geven dat ze zich wel goed voelden tijdens hun zwangerschap. Doet me de vraag stellen of ik mijn vriendinnen niet getraumatiseerd heb met mijn zwangerschapsleven? Niet echt de vibe waar ik voor wilde gaan. 

All day every day

Moest je me vragen hoe slecht ik was in dat zwanger zijn is mijn antwoord klaar een duidelijk: bar slecht met een klein vleugje optimisme. 

Ochtendmisselijkheid beperkte zich niet tot de ochtend, noch tot de twaalf weken die me voorop gesteld werden. De twaalde week was voor mijn lichaam een moment om de intensiteit te verhogen en me geregeld ook eens boven de pot te laten hangen. Met de volkswijsheid “Een spauwer is een houwer” behield ik mijn positieve ingesteldheid, maar leuk was het niet. Wel kreeg ik van de gyneacoloog groen licht om elke dag pizza te eten en dat deed ik dan ook gretig. Beter iets erin dan eruit was de conclusie en om de een of andere reden hield mijn lichaam geweldig van die vettige kost. Tot zover ook mijn idee om gezond te eten en niet al te veel bij te komen. 

foto Little green pear

Marmot

Naast misselijk zijn veranderde ik tevens in de grootste marmot op de planeet. Na het werk viel ik steevast in slaap op de zetel om na enkele uren weer wakker te worden en te geloven dat ik me had overslapen voor het werk. Die dagen zat er voor mij niet veel meer in dan slapen, eten, werken en slapen. Van een sociaal leven was nog weinig sprake. Mensen dachten dat ik me opsloot omdat ik wilde verbergen dat ik zwanger was. De realiteit was echter dat ik niet meer buitenkwam omdat die zwangerschap dat niet toeliet. 

Ik ga het zeggen zoals het is: vanaf dan was zwanger zijn niet leuk meer. Uiteraard was ik blij dat we een kindje verwachtten, maar niemand had me voorbereid op het feit dat een zwangerschap zoveel van je kan vragen.

Het was niet zalig, niet bloeiend en al zeker niet fantastisch. En op de een of andere manier voelde ik dat er maar beperkte ruimte was om dat bespreekbaar te maken. Als je een kind verwacht, dien je toch door het dolle heen te zijn en ga je toch niet zeuren over het vervelende van zwanger zijn? Wel, ik zal je iets vertellen: negen maanden je slecht voelen in je eigen lichaam is echt lang. Is het een reden om geen kinderen meer te krijgen? Neen, dat is het voor mij zeker niet, maar ik wil af van het idee dat je daarom al die ongemakken er maar moet bijnemen alsof het niets voorstelt. Ja, ik was blij met het kindje op komst en tegelijkertijd kon die zwangerschap niet snel genoeg gedaan zijn. Die twee kunnen toch hand in hand gaan zonder we ons daar ongemakkelijk bij dienen te voelen. Voor mij een reden om daar eerlijk voor uit te komen. Ik kan dan misschien niet floreren in het zwanger zijn, laat me dan maar floreren in het eerlijk zijn. Misschien is dat wel mijn zaligheid in het zwanger zijn. 

Zwanger?!

Twee jaar geleden bleek ik zwanger te zijn. Zoals jullie in mijn vorige blog konden lezen ging de ontdekking daarvan op een iets onconventionelere manier. Achter de zin “Je bent zwanger” kwam echter meteen een ‘ja, maar’- verhaal. Ik was dan wel zwanger, die hevige pijn deed vermoeden dat die zwangerschap niet zat hoe die moest zitten. Op de eerste afspraak bij de gynaecoloog was er op de echo niet veel te zien omdat ik slechts vier weken ver was. Vermoed werd dat het vruchtje zich niet nestelde in mijn baarmoeder, maar in mijn eileider. Bij voorbaat niet de plek waar baby’s groot worden, wel die waar zwangerschappen worden afgebroken.  

Ja, maar…

Zo kwam ik dus bij ‘ja, maar’. Je bent zwanger, maar de kans is groot dat we het vruchtje moeten weghalen. Omdat ik van bij de start die gedachte meekreeg leek me dat best ok. Als die pijn maar verdween. Het voelde alsof het een boodschap van de natuur was dat dit vruchtje niet groot diende te worden. De gynaecoloog stelde voor tweeënzeventig uur later opnieuw bloed te laten nemen om zo na te gaan of mijn zwangerschapshormoon bleef stijgen. Een bloedafnameformulier en een voorschrift voor enkele sterke pijnstillers waren de twee kado’s waarmee ik de consulatie verliet. En geloof me: sterk was die pijnstilling zeker. Ik vergeleek het steeds met een tocht naar de maan omdat ik denk dat in het luchtledige vliegen zo moet voelen. ‘Preggo on drugs’ leek het wel. Best wild voor een mogelijks toekomstige moeder. 

Verlos me?

Tweeënzeventig uur later dienden mijn man en ik ons aan te melden op de materniteit voor de bloedafname. Een raar gevoel om op de plek te komen waar baby’s geboren worden en jij een ander verdict kan krijgen. Het werd nog vreemder toen we naar een verloskamer werden gebracht en ik me kon installeren op een ‘verlosbed’. Ik snap het wel, plaatsgebrek enzo, maar als ik kon kiezen had ik het liever iets minder confronterend gehad. Ik zei wel dat ik ok was met het eventuele afbreken van de zwangerschap, maar daar in die kamer raakte het me. Wanneer je aan kinderen wil beginnen zijn dat niet de dingen waar je rekening mee houdt. Je hoopt op een zorgeloze tijd, niet op moeilijkheden, afbrekingen en andere zaken. Achterafgezien lag het alvast mooi in lijn met mijn gehele parcours. Ik ging uit van rozengeur en maneschijn en kreeg andere koek te verwerken. 

Home sweet home

Weer thuis dienden we te wachten op het telefoontje van de assistent. Alleen was die assistent dat uit het oog verloren. Enkele gespannen uren later besloot ik de telefoon zelf op te nemen en te horen hoe het ervoor stond. Goed nieuws, het hormoon was gestegen. Nu nog de echo afwachten de volgende dag en ook daar kregen we goed nieuws. Ik was zwanger en mocht zwanger blijven. Even leek het alsof mijn koek weer helemaal uit rozengeur en maneschijn leek te bestaan. 

Vruchtbare grond

In het normale leven maak ik abnormale dingen mee. Ik blijk een aantrekkingsmagneet voor rare situaties. Onlangs nog toen ik werd aangesproken door een buurtbewoner die uit het raam hing. Voor ik het wist was ik verzeild geraakt in een gesprek waarbij ik op de hoogte werd gebracht van de seksuele escapades van iedere buurtbewoner, een tekening toegegooid kreeg van deze zogenaamde kunstenaar en ik geadviseerd werd niet in deze straat te komen wonen. Of toen mijn man me aan het begin van onze relatie een nekmassage gaf en ik in zwijm viel. Letterlijk, met het gezicht frontaal tegen de grond en een man die dacht dat ik dood was. Ik steek tenen onder laadkleppen van camion’s en breek ze net niet, word door gestoorde automobilisten bewust van de baan gereden en dat zijn dan nog maar enkele voorbeelden van wat ik zo tegenkom. Dat zwanger worden en de ontdekking daarvan een vreemd trekje kon krijgen had ik waarschijnlijk vooraf zelf kunnen bedenken. 

De start van een begin

Ik was al even gestopt met anticonceptie en raakte ervan overtuigd dat ik het niet kon, dat zwanger worden. Uit voorzorg plande ik alvast een afspraak bij de gynaecoloog. In het weekend van onze eerste huwelijksverjaardag had mijn man als verrassing een overnachting geboekt in het hotel waar we ons huwelijksfeest gaven. Het werd een gezellig weekendje Antwerpen, alleen voelde ik me niet goed. Ik had weinig eetlust en lichte rugpijn. Niets ergs in ieder geval. Die zondag ging het echter snel bergaf. Ik kreeg koorts en de pijn in mijn onderrug werd heviger. Die maandag kon ik bij de huisarts terecht. Er werd bloed genomen, een lichamelijk onderzoek gedaan en het verdict was snel gesteld: een nierbekkenontsteking. Antibiotica zou soelaas bieden en ik liet best een echoscopie van mijn nieren maken.

Binnenstebuiten keren

De volgende dag in het ziekenhuis had ik een uur lang geen klachten. Gevolg: niets te zien op de echo. Enkele uren later was de pijn niet te houden. Bij iedere opstoot werd het ofwel zwart voor mijn ogen of begon ik te kokhalzen. Een bloedname en een nieuwe echo later was het nog steeds niet duidelijk waarom de pijn heviger werd. Tot die huisarts een telefoontje van het labo binnen kreeg waaruit bleek dat ik zwanger was. Oja, had ik al verteld dat mijn huisarts tevens mijn vader is?

Dat mijn vader bij het horen van dat nieuws bijna in een gracht reed zegt voldoende over de verwachting die mijn ouders hadden om grootouders te worden. Dat mijn vader van een dat van een compleet onbekende te horen kreeg stond niet echt in mijn eigen scenario.

Ring, ring,…

Ik werd gebeld. Ettelijke malen door mijn vader, mijn moeder en mijn man terwijl ik nietsvermoedend een douche nam. Na die douche zag ik twintig gemiste oproepen. Diep ongerust belde ik mijn man om te vragen wat er scheelde. “Je bent zwanger, er komt een baby aan!”. Zo gebeurde wat ik nooit gedacht had. Ik ben de vrouw die ontdekte dat ze zwanger was omdat haar vader haar man opbelde en zo haar man haar het goede nieuws kon brengen. Als je zoiets zou willen plannen zou het niet lukken, maar toch kreeg ik het voor mekaar. Ik weet niet waarom, maar in mijn leven heeft alles de neiging een merkwaardig kantje te krijgen.

VERDRIET

Verdriet omdat het allemaal niet liep zoals ik dacht. Geen rozengeur en manenschijn, geen mooie periode om op terug te blikken. Enkel hobbels op een lange weg en verdriet. Wanneer ik terugblik zie ik steeds vaker de moeilijke periode en niet de leuke momenten die we ook hadden. Dan lijkt alles zo overschaduwd door mijn postpartum verhaal. Alsof ik dat verhaal ben en niet veel anders meer op tafel te leggen heb. Ik wil er van loskomen. Mijn eigen verhaal weer positiever maken, weer trots kunnen zijn op mezelf en niet steeds focussen op wat ik allemaal niet ben. Ik ben niet de ‘yummie- preggo-mummy’ geweest. Eerder de walrus met een kruk door bekkeninstabiliteit en steunkousen. Nog was ik de kersverse moeder waar iedereen jaloers op kon zijn. Ik heb een pad bewandeld dat zich meestal in de schaduw voordoet en waar niet over gestoeft kan worden. Dat besef is iets om te verwerken. Ik pas niet meer in een plaatje terwijl passen in een plaatje iets was wat ik altijd heb geprobeerd. Niet opvallen met uitgesproken meningen en me aanpassen aan mijn omgeving. Zo deed ik dat. 

Moeder worden met grijze wolk boven het hoofd heeft dat veranderd. Ik wil dichter bij mezelf kunnen staan, meer van mijn eigen ik laten zien. Me minder laten leiden door wat anderen van me kunnen denken. Sinds enkele maanden heb ik het pad dat ik bewandel weer in handen of toch in de wandelschoenen. Ik beslis over de richting die ik uitga en niet mijn hormonen of depressieve gevoelens.  Dat is waardevol. Iets om niet snel te lossen. Ik weet nog niet welke richting ik uit zal gaan. Wat ik wel weet is dat het hier goed is, zo op mijn pad in de zonneschijn. 

TIENERZWANGERSCHAPPEN

Zwanger worden in je tienerjaren doe je beter niet. Je weet namelijk niet wat je te wachten staat, of zo zegt men toch. Doet me de vraag stellen of ik als niet-tienermoeder wel wist wat me te wachten stond? Bestaat er überhaupt iemand die tijdens die eerste zwangerschap echt weet wat er te verwachten valt?Wanneer ik voor mezelf spreek kan ik met volle overtuiging zeggen: ik dacht het te weten, ‘but how wrong I was’. Mijn ideeën over het moederschap waren voornamelijk gebaseerd op instagramfoto’s en het vasthouden van schattige baby’s tot die een huilbui kregen en niet meer schattig, maar ongemakkelijk werden. ‘Het’ moment om ze weer over te hevelen naar de moeder in kwestie. Ik ging ervanuit dat baby’s je in het land van snoepgoed en regenbogen katapulteerden en dat wilde ik mezelf niet ontzeggen. 

De realiteit draaide anders uit. Veel snoepgoed dat wel. Alleen dan in de mond om de vermoeidheid te doen vergeten. Regenbogen ben ik minder tegengekomen. Des te meer werd ik verrast aangezien mijn eerdere ervaringen me iets anders hadden doen voorstellen. Had ik überhaupt wel ervaring met baby’s? Mijn ervaring steunde meer op de ervaring die ik vroeger had met poppen. Die pop sliep meteen door, had nooit last van krampen of andere moeilijkheden. Was ook niet zo afhankelijk van me. Drie dagen zonder aandacht en het ding stond nog steeds klaar om met mijn toneeltje mee te doen. Baby’s zijn iets minder bereid om in dat toneeltje mee te gaan. Ze zorgen voor een staat van continue paraatheid en voor je het weet sta je alleen nog maar in je moederrol en ben je vergeten wie je zelf ook al weer was. Ik kan het weten. Ik was het vergeten. 

Wil je dus mijn advies en wil je weten wat je te wachten staat? Praat met vriendinnen die moeder werden over het moederschap. Vraag hoe zij tijd maken voor zichzelf en waar voor hen de moeilijkheden liggen. Ga voor echte gesprekken en adviezen. Leer van elkaar. Die baby zal je van je sokken blazen, maar met een realistische kijk vooraf komt er voor jou misschien wel een regenboog aan te pas.

WAKE UP

Beter worden, het voelt als het weghalen van oogkleppen die ik lang op had. Hier ben ik dan, beter geworden in een wereld die niet meer dezelfde is. Maandenlang was ik enkel gefocust op mezelf en mijn herstel. Denkend dat wanneer ik klaar was met mijn introspectie de wereld was blijven draaien zoals voorheen. Alleen is dat niet hoe dingen gaan. De wereld draait, ook zonder jou. Zoveel haltes later op de trein springen betekent niet dat je kan verderzetten waar je eindigde. 

Hoe je het ook draait of keert, ik heb veel gemist en niet onderhouden. Bij de relatietrein betekende mijn uitchecken stilstand van de trein. Niet zonder gevolgen zo blijkt. Stilstand betekent roest en roest betekent werk. Veel werk. Het betekent tot de vaststelling komen dat de schakels niet meer op dezelfde golflengte zitten en er schroeven losstaan. 

Ik deed vol blijdschap mijn oogkleppen af en wilde dat vol trots laten zien. Alleen kwam ik tot de vaststelling dat mijn ziekte meer kapot maakte dan alleen mijzelf. Mijn man en ik, we zijn het kwijt, die golflengte waar we samen op surften, dat gevoel van verbondenheid. Tijd heelt wonden, maar stilstand maakt ze. Het is moeilijk te aanhoren dat ik niet meer dezelfde ben. En ook al was dat een belangrijk punt in mijn herstel, toch maakt dat het moeilijk te aanvaarden dat ik daarom niet meer die partner in crime ben voor de ander. Het is zoeken, het is vechten, het is geloven en het is vooral blijven hopen dat het goedkomt. Ik geloof er nog in. Die dalen kunnen opgevolgd worden door pieken. Dat is hard werken, want een berg beklimmen gaat niet vanzelf. Ik kan alleen maar zeggen dat we onze wandelschoenen aan hebben en wel zien waar we landen. 

OPVOEDEN DOEN WE NIET ALLEEN

‘It takes a village to raise a child’. Klinkt cliché en toch maakt dat het niet minder waar. Dat en ‘Choose your battles’ klasseer ik sinds ik moeder ben onder mijn moederquotes. Het bevat niets anders dan waarheid. Een kind opvoeden doe je nooit alleen. Voor mij heeft opvoeden niets te maken met de spullen die je in babywinkels voorgeschoteld krijgt. Hoe mooi die spulletjes ook zullen staan op je sociale media, ze zorgen niet voor de opvoeding van je kind. Ze maken alleen dat de zorg vlotter loopt en je hier en daar met een foto op sociale media anderen de loef kan af steken. Wie houdt er nu niet van een schattige baby in een mooi wiegje?

Als je mijn advies wil over het samenstellen van een lijst kan ik alleen een ding aanraden: hou het simpel en praktisch. Als die baby daar is maakt het echt niet meer uit dat die tetradoek een leuke pasteltint heeft. Zolang die er voor zorgt dat je kledij gespaard blijft van melk ben je allang tevreden.‘Keep it simple’ een mooie quote om ook te bewaren. ‘Simplify’ voor jezelf en naar je omgeving toe. Mooie foto’s op sociale media zijn leuk en wie wil er nu niet laten zien dat jij het mooiste kind op de wereld gezet hebt, maar hou het simpel. Je hoeft niet de perfecte wereld neer te zetten. Dat maakt alleen dat het moeilijker wordt om hulp te vragen wanneer je worstelt. Het legt de lat weer hoger en dat is nu net niet wat we nodig hebben als kersverse moeder. Ik durf toegeven dat ik er ook schuldig aan was. Niet perse aan die foto’s, maar aan het denken dat ik het wel alleen zou kunnen, dat hele babyverhaal. Gewoon een beetje meer fond de teint om de indruk te wekken dat ik me goed voelde en subtiel laten vallen dat het moederschap zwaar is. Alleen deed ik dat zo afgezwakt dat niemand er iets van zou maken. Een poging tot schitteren terwijl het vanbinnen alleen maar donkerder werd. 

Daarom pleit ik voor minder schroom. Praat open over het ouderschap en wat daarbij komt kijken. Laat je echte “ik” zien en niet de opgesmukte “insta”-versie. En bovenal: accepteer dat je het niet alleen hoeft te doen. Toon elkaar de simpele versie van jezelf, deel onzekerheden zonder schroom en vraag hulp. Voor de kleine moeilijkheden en de grote, want opvoeden doe je niet alleen. 

DE UITBREIDING

Er prikt iets en dat doet het al een tijdje. Rondom mij zie ik vriendinnen voor de tweede of derde keer zwanger worden en als ik eerlijk ben dan prikt dat. Ik ben blij voor de vriendinnen in kwestie, maar jaloers dat het voor hen gaat alsof het niets is. Niets in de zin dat als het de eerste keer goed gaat je vanuit je gevoel kan beslissen om verder te bouwen aan dat gezin. Een optie die ik niet meer heb. Een groter gezin zal altijd afgewogen worden t.o.v. het leed dat de depressie veroorzaakte.

Een tweede baby… wat als? Wat als ik opnieuw een depressie krijg, de zwangerschap weer zo zwaar wordt en onze relatie nog niet sterk genoeg is? Zoveel vragen, zo weinig gevoel. Gevoel waar andere koppels wel nog op varen. Gevoel dat we plaatsen tegenover een bewuste en weloverwoge keuze. Keuzes op gevoel liggen veel dichter bij wie ik ben dan wat ik nu voorgeschoteld krijg. En dat prikt, dan wil ik de tijd terugdraaien en de optie ‘non-depressie’ kiezen bij het zwanger worden. Wil ik niet terugblikken op wat ik bereikt heb, maar vooruitblikken en naïef zijn. Mezelf blind in een avontuur storten om nadien wel te zien wat het wordt. Ik ben erin ontnuchterd, realistisch geworden. Je zou kunnen zeggen dat dat niet slecht is, want een realistisch beeld zorgt voor een goede voorbereiding en maakt dat ik beter voor mezelf zal zorgen als het zover komt. Als het al zover komt? Krijg ik ooit nog de kans om die gezinsuitbreiding verder te zetten? Zullen alle punten voldoende worden afgevinkt om over te gaan tot een beslissing in die richting? Ik weet het niet, ik hoop het wel en hoop doet leven. Opnieuw leven, op nieuw leven. Santé!

De koe die geen kat werd.

Als ons kat een koe was zou ons leven dan ook echt beter zijn? Kan je de warmte van de stoof appreciëren wanneer je de koude in de stal niet gevoeld hebt. Het is een vraag die me de laatste dagen bezighoudt.  Zou ik van de peutertijd kunnen genieten zoals ik nu doe, had ik tijdens de babytijd meer op wolken gelopen?

Ik weet het niet. Vergelijken kan ik ook niet, maar toen ik een tijd geleden de speeltuin verliet met een gillende peuter die duidelijk nog niet klaar was met schommelen vond ik het niet verschikkelijk. Gênant dat wel. Voor het eerst in mijn leven was ik namelijk die moeder waar iedereen naar kon staren, en toch. Toch is het een herinnering om met plezier op terug te blikken. Het was crisis bij de peuter en voor het eerst sinds lang leidde dat niet tot een existentiële crisis bij mezelf. Ik accepteerde de situatie, handelde er naar en wandelde kordaat, maar met rode wangen weg. Geen tranen, geen stemmetje dat mijn kwaliteiten als moeder in twijfel trok. Eindelijk kon ik de situatie zien voor wat ze was. Gewoon een situatie  tussen moeder en peuter. Meer niet. 

Mooi dat ik daar bij stil kan staan. Dat ik die peuter kan zien worstelen met het aanvaarden van grenzen en blij kan zijn dat ik hem alsnog graag kan zien. Had ik het ‘roze-wolken-traject’ gevolgd was dat mogelijks moeilijker geweest. De depressie dwong me er namelijk toe om negatieve denkpatronen om te vormen en niet elke situatie te betrekken op mijn eigen persoonlijkheid. Zo leerde ik situaties te zien waarin verschillende partijen een rol spelen en ik dus niet alles op mezelf hoef te betrekken. ‘Het is mijn schuld’ is een gedachte die ik probeer weg te werken. Dat lukt me niet altijd, maar ik merk verbetering. Een verbetering die ik vast niet gekend zou hebben als ik niet zo stevig door de modder had moeten ploeteren. Het is daarom dat ik de vraag stel: moet die koe echt een kat zijn voor we kunnen genieten van dat warme gevoel? 

MOED

“Of ik mijn draai kan vinden tijdens de lockdown en me niet te erg verveel?” Die vraag wordt me gesteld door de verkoopster aan de andere kant van de kassa. Vanbinnen moet ik een lach onderdrukken. Vervelen? Het tegenovergestelde is eerder waar. Het leven met een peuter is nooit saai. Ik associeer deze periode eerder met andere woorden. ‘Uitdaging’ bijvoorbeeld, want van de ene op de andere dag was ik alle ingeplande rust kwijt. Beetje stressen voor iemand die herstellende is van die grijze wolk. Vragen als: “Kan ik dit wel?” en “Hoe gaan we dit doen?” flitsten geregeld door mijn hoofd. 

Zoveel weken later is de rust niet echt wedergekeerd, want ja we leven met een peuter…. Wel kan ik zeggen dat ik er meer moed in heb gekregen. Na zoveel weken sta ik er nog altijd. Ik ben niet veranderd in een snotterende moederhoop die de zakdoeken geducht blijft vullen. Ik sta er. Voor mijn peuter en mijn man. Zij het soms wel met kleine oogjes, maar niets wat enkele tassen koffie niet kunnen oplossen.

Ik kook, ik poets, ik was en ik strijk en dat allemaal terwijl ik die peuter ook nog eens bezig houd. Moest je me vooraf verteld hebben dat ik dat terug kon had ik je niet geloofd. Ik haalde het al eerder aan, maar ik was dat zelfvertrouwen in mijn eigen kunnen verloren. En net dat zelfvertrouwen is zich dankzij de coronacrisis opnieuw aan het herstellen. Wie had dat gedacht? 

Ik voel me tegenwoordig zelfs zo zeker dat ik de moed heb gevonden om te stoppen met de medicatie die ik nu al bijna een jaar neem. Ik was al een tijd aan het afbouwen met zowel mijn antidepressiva als mijn slaapmedicatie, maar het ontbrak me aan moed om er effectief ook mee te stoppen. Want, als ik zou stoppen, zou ik dan weer naar af gaan of blijf ik functioneren zoals ik nu doe? Die vragen hebben me echt wekenlang beziggehouden. En toen, door de drukte en de vermoeidheid vergat ik al eens een dosis tot ik die zo vaak was vergeten dat ik evengoed kon stoppen. Anderhalve week zonder medicatie en ‘counting’. Ik hoop dat het blijft gaan zoals het nu gaat. Het zou leuk zijn om in deze positieve flow te kunnen blijven hangen. De ervaring leert echter dat voorzichtigheid altijd geboden is. Wat de toekomst in petto heeft, weet niemand. 

Wat er ook van zij, verveling staat alvast niet op de planning.

STRAKKE PLANNING

En toen vertelden de werkmannen ons dat de wc’s tijdelijk afgesloten werden en wel voor een hele dag. Werkmannen die voor de goede orde enkel buitenshuis hun werken uitvoerden en het nodig vonden de afvoerbuizen even af te koppelen. Vaarwel afvoerbuizen en vaarwel toiletcomfort dus. Het hoeft dan ook niet te verbazen dat in tijden van corona en thuis werken mijn man en ik een lichte paniek voelden. Hoe doen we dat, een hele dag niet naar het toilet gaan?

Voor mij werd al snel duidelijk dat het antwoord als volgt luidde: daar doet mijn blaas zo niet aan mee. Ik kan nog zo mijn best doen, maar blijkt dat mijn bekkenbodemspieren wat extra training kunnen gebruiken. Ik deed wat iemand zonder toilet en met een volle blaas beter nooit doet: ik moest lachen. Niet hard ofzo, maar net genoeg om de druk te verhogen en voor een gênante situatie te zorgen.

Jammer, ik had me namelijk voorgenomen me in deze quarantainetijden van mijn beste kant te laten zien t.o.v. mijn partner. #epicfail. Tot zover mijn eerste pogingen tot verleidelijkheid. Ik wilde extra moeite doen voor die echtgenoot van mij, maar de extra moeite die nu broodnodig lijkt is echter opnieuw het verstevigen van die bekkenbodemspieren. Of dat toch nadat die wc’s hersteld zijn. 

Een inhaalmanoever op het gebied van verleidelijkheid dient wel ingezet te worden. Ik zie deze coronatijden als een kans om ons liefdesleven te doen heropleven. Niemand vertelt je namelijk vooraf dat wanneer die baby geboren wordt dat liefdesleven ook wel even pauzeert. Reken daar nog een postpartumdepressie bij en je kan je voorstellen dat vonken en slaapkamer geen woorden meer zijn die nog in dezelfde zin passen. Het is ook niet iets dat spontaan terugkomt, want vermoeidheid en een baby zijn niet bepaald sexy of een goede motivatie op dat gebied. Neem daar dan nog even dat postpartumlichaam bij en je weet dat je even tijd nodig hebt om jezelf weer mooi te vinden. Ik heb mezelf die tijd gegeven, maar het blijft wennen. 

En zo komt het dat mijn man en ik voor een nieuwe aanpak gingen. De iets meer zakelijke aanpak om de vonk terug te krijgen. Een nieuwe agenda werd opgemaakt en om hem minder zakelijk te doen klinken noem ik hem de ‘vonken en bonken-agenda’. Moest iemand me vroeger gezegd hebben dat ik mijn seksleven zou inplannen zou ik vol afschuw gekeken hebben, maar hier zijn we dan, zoveel jaar later met de agenda op de schoot.

Een agenda die zal maken dat deze twee jonge ouders ook eens iets anders doen dan enkel vermoeid of ouder zijn. Een onsexy planningsgegeven om de sexy weer terug te brengen in ons leven. Dat en stevige bekkenbodemspieren natuurlijk, die plan ik ook ineens in.

ETEN, VRETEN, SPORT?

Sport. Niet meteen het eerste wat me te binnen schoot toen de lockdown inging. Waar ik me wel tot aangetrokken voelde was snoepgoed. M&m’s, stroopwafels en ijs. Drie belangrijke pijlers die me door deze periode heen gingen helpen. Een idee wat in theorie zeer solide leek, maar in realiteit niet bleek te werken. Na twee weken zat die broek veel strakker, voelde ik me moe en geregeld ook emotioneler. Jammer, want suiker en ik, wij gingen een goed duo vormen. 

Tijd dus om een andere theorie uitvoerig te proberen: sport. Een manier om de broek weer wat beter dicht te knopen en de mentale gezondheid goed te houden. Nu die peuter hier plots zeven op zeven rondloopt voel ik me meer gespannen dan voorheen. Van de ene op de andere dag was ik al mijn ingebouwde rust kwijt en werd ik overgeleverd aan de genade van een anderhalf jaar jong wezentje. Dat wil zeggen: hopen op goede nachten, geen te vroege ochtenden en een beperkt aantal driftbuien per dag. Liefst op momenten wanneer ik niet bezig ben met het uitvoeren van huishoudelijke taken. De eerlijkheid gebiedt dan ook te zeggen dat de peuter in kwestie zich niet bewust is van mijn dagelijkse plannen en deze dus naar hartenlust omgooit. 

Op zo’n dagen is er dan sport, intensief in de online sportschool of gewoon kort in de vorm van een tien minuut durende stretch. Een moment voor mezelf, of toch ongeveer. Tijdens het stretchen wil de peuter graag luisteren naar een verhaaltje en wanneer dat niet het geval is gaat die even op me uitrusten wanneer ik probeer te planken of in een ingewikkelde stretchpositie lig. Om maar te zeggen: me-time is momenteel een optie en geen recht. Uiteraard is die man van me er nog om me af en toe dat sportmoment te gunnen, maar die werkt van thuis uit en heeft dus niet altijd de marge. 

Intens en zelfvertrouwen. Twee woorden die deze periode goed omschrijven. Ik werd, net zoals wij allemaal, tijdelijk gedwongen een ander leven te leiden. Eentje waarin ik altijd klaarsta voor mijn zoontje zonder al te veel rust voor mezelf. Iets waarvan ik al een tijd overtuigd was dat ik het niet zou kunnen door het hele traject dat ik al aflegde. Ik dacht dat ik nog niet zover was. Dat ik nog meer tijd nodig had alvorens ik voltijds mama kon worden. En wat blijkt? Ik had het mis. Ik ben er wel al klaar voor om die mama-rol voltijds te vervullen en kan er alsnog in slagen om rust voor mezelf in te plannen. De meeste dagen verlopen best wel vlot. Ik krijg mijn huishouden rond (tot op zekere hoogte) en ben mijn verstand nog niet verloren in de zorg voor die peuter (tot op zekere hoogte). Het is intens, maar ik kom er wel. Zij het dan wel met minder suiker en iets meer sport.

DE WERKVLOER

I did it! Ik ben opnieuw met mijn voeten op de werkvloer gaan staan. Dat mag je behoorlijk letterlijk nemen. Die eerste werkdag heb ik namelijk niet veel meer gedaan dan staan en aanwezig zijn. Ik dacht dat het zwaar ging zijn, maar dat ik van zover kwam, daar had ik niet zozeer op geanticipeerd. Dat het een ‘trip down memory lane’ ging worden evenmin. Collega’s vroegen me goedbedoeld hoe het ging en automatisch werd ik terug gezogen naar de tijd dat het minder goed ging. Alsof ik aan mezelf moest bewijzen dat het echt zo erg was geweest en dat mijn afwezigheid gerechtvaardigd was. 

Het is raar om terug te zijn. Ergens is er niet veel veranderd en toch kan ik niet meedraaien zoals ik zou willen. Ik ben veel vergeten. Van de werkwijze en de inhoud van het werk. Met momenten voel ik me alsof ik hier voor het eerst kom werken en van niets weet. Ik moet bijna alles vragen, heb bevestiging nodig en wil nadien ook steeds gecontroleerd worden. Na vier uur zit mijn eerste werkdag erop. Zelf ben ik ook op, helemaal uitgeput. Had ik niet verwacht. Thuisgekomen kan ik mezelf enkel nog neervlijen in de zetel en wachten tot ik weer voldoende energie heb om ons zoontje van de crèche te halen. 

Progressieve werkhervatting, het is een concept dat het mogelijk maakt dat ik me opnieuw op de werkvloer kan begeven. Was die term onbestaande in ons systeem zat ik nog steeds thuis, daar ben ik zeker van. Het vraagt echter wel wat aanpassing van je leidinggevende en collega’s en dat besef ik. Ik begrijp dat het vreemd is dat ik enkele uren op de vloer verschijn alsof er niets aan de hand is.  Een zogezegd depressieve vrouw die er helemaal niet zo slecht uitziet. Geen donkere kringen rond de ogen, geen vale huidskleur en al zeker geen zakdoek in de hand. Die zijn namelijk al maanden geleden verdwenen. 

De perceptie is echter dat depressieve mensen huilend en in pyjama in bed liggen. Een verwachting die ik allang niet meer kan inlossen. 

Als je het vanuit dat standpunt bekijkt lijkt progressieve werkhervatting misschien wel een luxepositie: een collega die ziek hoort te zijn ziet er niet ziek uit en moet toch slechts twee halve dagen werken in de week. 

Laat dat nu net het lastige zijn met mentale problemen. Wat je fysiek te zien krijgt is geen correcte representatie van wat er vanbinnen in me omgaat. Iets wat soms moeilijk te begrijpen is voor de buitenwereld. Bij een gebroken been zie je de gips en weet je wanneer iemand hersteld zal zijn. Bij mentale problemen heb je dat niet. Het is een persoonlijk traject dat je moet afleggen, een gevecht dat niemand langs buiten kan zien. Bijgevolg is het soms moeilijk te geloven dat het er is als buitenstaander. En toch is het zo. Toch is iets als progressieve werkhervatting voor mij een noodzakelijk iets. Het helpt om de drempel laag te houden en het werkveld opnieuw in te stappen. 

En dus blijf ik met mijn voeten op de werkvloer komen en vooruit kijken.

THE LETDOWN

Na twee weken in ‘lockdown’ werd ons zoontje ziek. Een mooi voorbeeld van wat incubatietijd juist is. Al twee weken lang had hij geen contact met andere kinderen en toch kreeg hij de windpokken. Dat was behoorlijk balen. Er zijn kinderen die er weinig last van hebben, alleen doen we daar zo niet aan in ons gezin. Onze zoon ging voor de ‘full option’ in het windpokkenassortiment. Blaasjes op elke vierkante centimeter van het lichaam alsook mond en oren werden niet gespaard. Drinken en eten werd lastig en al gauw zat vasthouden er niet meer bij wegens te veel jeuk en pijn. Slapen werd moeilijk en dat was voor mij iets te heavy. Ik weet het, mijn kind is ziek en ervaart al het ongemak en toch begin ik hier over mijn eigen gevoelens. Doe je dat wel als moeder? Mag je luidop zeggen dat de ziekte van je kind ervoor zorgde dat je zelf de dieperik inging? 

Waarschijnlijk niet. Waarschijnlijk moet ik zeggen dat ik mezelf helemaal wegcijferde en volledig ten dienste stond van mijn zieke kind. Alleen is dat niet hoe het gegaan is. Ik werd zo opgeslokt door de zorg voor mijn zoontje, wat in combinatie met het slaaptekort maakte dat wanneer hij onophoudelijk aan het huilen was ik ben uitgevlogen tegen hem. Ik wilde met hem redeneren, zeggen waarom hij moest slapen en dat het genoeg was zo. Eigenlijk vroeg ik aan een peuter van nog geen anderhalf jaar om even te doen alsof hij niet ziek was en dat allemaal omdat ik het even niet aankon. Nu vind ik het erg dat ik op dat moment niet sterker kon zijn voor hem. Ook zie ik wel in waarom ik zo was. 

Ik was nog niet helemaal gewend aan het ‘lockdowngegeven’ en kreeg alweer een nieuwe situatie op mijn bord. Iets wat ik niet verwerkt kreeg. Sinds de hele depressie merk ik dat ik niet meer zo flexibel ben en dat me aanpassen aan nieuwe situaties moeizamer gaat dan voorheen. Zo komt het dat ik op drie dagen tijd in gedachten ging van “het gaat wel ok” naar “misschien is uit een raam springen ook een optie”. Dat vond ik even schrikken, want het ging toch beter met me? Waarom kreeg ik dan op zo’n korte tijd zo’n hevige gedachten? 

Het is toen dat ik mijn zelfvertrouwen wat verloren ben. Wat voor moeder ben ik als ik niet kan zorgen voor mijn kind zonder er zelf meteen onder door te zitten? Waarom kan ik nieuwe situaties zo moeilijk plaatsen en voelt het soms alsof ik een stap vooruitga en twee naar achteren? Me in zelfmedelijden wentelen is iets waar ik op zo’n momenten goed in ben terwijl het niets positiefs voor me doet. 

De feiten zijn namelijk dat elke ouder ook maar een mens is en dat een slaaptekort onze lontjes snel korter maakt. Feit is ook dat we niet elke dag van een regenboog kunnen glijden en dat er soms geploeterd moet worden door de modder. Ik ben ook maar een gewone moeder die het ouderschap nog niet onder de knie heeft. Soms gaat het goed en zit ik op die regenboog en soms maken korte nachten en veranderende situaties een modderpoel van mijn zelfvertrouwen. Ik ben geen ‘supermoeder’, maar eerder een pantoffelheld die worstelt met de dagdagelijkse dingen. Ik ben niet voor #instaperfect, maar voor #instaimperfect. Dat is iets waarin ik mezelf kan terugvinden. Het laat zien dat ik niet minder dan een ander, maar wel anders dan die ander. En zo wil ik deze post eindigen, met heel veel imperfecties en zalig zachte pantoffels. 

OUDERSCHAP

Dat het ouderschap nogal wat is besef je pas wanneer de titel effectief op jou van toepassing is. Het brengt nogal wat met zich mee. En op momenten dat scholen sluiten en crèches strenge eisen stellen aan wie er wel en niet inkomt weet je als ouder dat het geen Netflix op de zetel zal worden. De momenteel van thuis uit werkende ouder weet ook dat er een belangrijk privilege zal wegvallen dat op de werkvloer steeds genuttigd kan worden.

Het moet namelijk gezegd dat dranken drinken op de temperatuur dat ze behoren te zijn iets is wat met een kind in huis zelden lukt. De verschillende mopjes op Pinterest tonen aan dat ik niet de enige ben die last heeft van dit fenomeen. 

Dat het ouderschap een land is waar de dranken nooit warm zijn en de frisdrank zelden fris had niemand me vooraf verteld. Misschien had ik het zelfs graag geweten. Gewoon om extra te kunnen genieten van al die momenten dat ik mijn drank op de juiste temperatuur kon drinken. Ik sla me nu geregeld voor het hoofd dat ik voor die baby mijn dranken zo onbedachtzaam achteroversloeg. Me amper bewust van de zalig correcte temperatuur. 

Afbeelding: Mutusystem.com

Maar zo gaan die dingen nu eenmaal. Je kan alle boeken op voorhand lezen en dan nog niet op de hoogte zijn dat je koffie nooit meer warm zal zijn. Noch dat je nooit meer onbezonnen de deur uit zal gaan. Want, laat ons eerlijk zijn, waar we vroeger gewoon onze jas aantrokken en onze handtas over onze schouder gooiden raken we met een baby of peuter veel minder snel buiten. Kaka-explosies vlak voor vertrek zijn zo geen uitzondering. Die kleine wezentjes vinden makkelijk iets om de trip naar buiten te bemoeilijken. 

Zelf las ik vooraf geen ouderschapsboeken, maar ik ben vrij zeker dat dit soort scenario’s onvoldoende bellicht worden. Wat ik dus eigenlijk probeer te zeggen is dat het ouderschap elke dag opnieuw weer nieuwe scenario’s voor je in petto heeft waarvan je vele vooraf niet incalculeerde. Soms zijn het leuke scenario’s, soms minder leuk. Steevast blijft het echter een feit dat de dingen zelden nog lopen zoals je had verwacht. Zelf blijf ik geloven dat deze lockdown periode mij zal leren te houden van lauwe koffie. Hoop doet althans leven. Daar klink ik op met mijn lekker tasje lauwe koffie! 

JONGLEREN

Verschillende ballen in de lucht houden. Een kunst die ik niet meegekregen heb. Het hoeft dan ook niet te verbazen dat lichamelijke opvoeding niet mijn lievelingsvak was. Jongeleren met sjaaltjes, dat kan ik. Zolang er genoeg tijd is om alles op te vangen was ik een meester-jongleur in de lessen LO. Alleen kwamen er na de sjaaltjes altijd die vervelende ballen. Toen ik dan eindelijk afstudeerde van het middelbaar dacht ik echter van die vervelende ballen vanaf te zijn .

Maar hier zit ik dan weer. Een volwassen vrouw die tevergeefs probeert verschillende ballen in de lucht te houden. Ik kan het nog steeds niet naar behoren. Mama zijn, vrouw zijn, vriendin zijn, blogster zijn, een huishouden runnen en opnieuw gaan werken. Het zijn veel ballen die ik momenteel met moeite in de lucht kan houden. Oja, ons zoontje slaapt natuurlijk niet meer door sinds ik weer werk. Zo komt het dus dat mijn schouderspieren weer in beton veranderd zijn, mijn lontje wat korter werd en de concentratie- en geheugenproblemen weer drastisch verslechterd zijn.

Heavy. Nu ja, niemand zei dat het makkelijk ging worden natuurlijk. Echt ontmoedigd kan ik bijgevolg niet zijn. Alleen wil ik soms dat het makkelijk is. “Waarom moeilijk als het makkelijk ook kan?” Mooi levensmotto vind ik, maar zo denkt een peuter nu eenmaal niet. Dan maar een nieuw motto zien te vinden. Of het motto gewoon overslaan en gaan voor meer draagkracht en dus meer ontspanning om zo alle ballen beter in de lucht te houden. Meer ‘me-time’(“hallo massage”), meer ontspanning (“hallo brunch met vriendinnen”), meer liefde met de hubby (#datenight) en meer slaap. Dat laatste is natuurlijk een onmogelijke eis gezien ons zoontje hier de baas is over onze slaap. Dan maar focussen op de eerste pijlers. Als er iets is wat ik geleerd heb dan is het dat tijd voor jezelf nemen belangrijk is. Dat het je de tijd geeft om alle ballen op te vangen en het zo de ballen minder zwaar maakt.

Toen ik net moeder werd leek het zo zinloos om tijd te nemen voor ontspanning. Waarom tijd in jezelf steken als je een klein baby’tje in leven dient te houden (#stress)? Ik weet beter nu. Je verzorgt dat kleine wezentje net beter wanneer je zelf goed in je vel zit. Het maakt je ontspannen, laat je meer relativeren en maakt je lontje weer wat langer. Een win-win voor iedereen. 

Dus daarom vandaag belangrijk advies voor alle moeders en vaders met uitstelgedrag als het op zelfzorg aankomt. Boek die massage, leg die brunch vast met vrienden, ga nog eens op café of op weekend met je partner. Gewoon omdat het kan en vooral omdat het leuk is.

Me-time, want jij bent het waard! 

GEHEUGENSTEUNTJE

“Het geheugen is een spier die je kan trainen” zegt men. En als dat zo is denk ik dat de mijne op z’n zachtst gezegd lui te noemen valt. ‘Voorlopig buiten werking’ dekt de lading ook wel. Het is zelfs zo erg dat ik me niet kan herinneren wanneer ik voor het laatst een naar behoren functionerend geheugen had. Ik gok dat dat voor de zwangerschap nog wel het geval was. Wat wil zeggen dat ik nu om en bij de twee jaar aan het aanmodderen ben. Ik doe maar wat. Dat ik de naam van mijn zoontje ondertussen wel kan onthouden zie ik als een positieve vordering, maar ik kom van ver. Op een van mijn geheugendieptepunten zou ik erin geslaagd zijn een naam te verzinnen voor ons zoontje. Geloof me, het was echt erg! Van ‘zwangerschapsdementie’ had ik wel al eens gehoord, maar dat ‘borstvoeding- en postpartumdementie’ ook een ding kan zijn wist ik niet. Het komt er eigenlijk op neer dat zodra je moeder wordt je geheugen nooit meer hetzelfde zal zijn. Een ding zo blijkt. Een slim zetje van de natuur zodat we ons blijven voortplanten en de negatieve ervaringen snel vergeten. 

Mooi, knap, ingenieus. Alleen sta ik daardoor dezelfde verhalen aan dezelfde mensen keer op keer te vertellen en loop ik vaak doelloos rond in huis omdat ik weer vergeten ben wat ik eigenlijk ging doen. Goed voor mijn beweging, dat wel. Beetje saai voor mijn man die snakt naar een nieuw verhaal dat hij nog niet gehoord heeft.

Ik doe alvast mijn best om het beter te doen en de natuur tegen te werken. Ik maak ‘to do-lijstjes’ op papier en in mijn gsm, ik gebruik mijn agenda, zet wekkers ter herinnering en vroeg een whiteboard voor kerst om nog meer lijstjes te kunnen maken.

En toch. Toch behaal ik maar een minimaal resultaat met al mijn inspanningen. 

Zo stond ik onlangs opnieuw een uur te laat bij Kind&Gezin omdat ik de afspraak was vergeten en mijn gsm niet in de buurt lag. Dat het al de derde keer was dat ik die afspraak moest verzetten geeft je een goed beeld van hoe graag ze me bij K&G zien komen. 

Het geheugen is een goed dat ik voor de zwangerschap te weinig naar waarde schatte. En daarom mensen: een oproep! Aan allen die een goed functionerend geheugen hebben: geniet er met volle teugen van! Aan alle bollebozen die graag iets nieuws willen uitvinden: ‘een extern geheugen dat mijn intern geheugen versterkt zou geweldig zijn.’ 

En dan nog tot slot… even denken…hmmmm… ik had nochtans echt een punt dat ik wilde maken… misschien komt het terug als ik even naar de keuken wandel en terug…Nope, niks… Ik ben het kwijt…zucht…

Bij deze dan misschien eens geen slot en gewoon een wazige, licht chaotische stilte. 

DE KLAAGVROUW

“Ik snap het niet.”. Een zin die volgt met ‘De Blik’. Zo ben ik hem gaan noemen. De blik die staat voor ‘dutske toch’ en ‘natuurlijk overkomt jou dit, zwak enzo’. Dat gevoel geeft het me. Dat ik zwak ben, breekbaar en niet veel gewoon. 

Misschien ben ik al deze dingen wel in de ogen van iemand die het niet allemaal van dichtbij meemaakte. Een buitenstaander ziet een wereld waarin de meeste nieuwbakken moeders zich staande weten te houden en er vooral niet te veel over klagen. Ik daarentegen kom openlijk uit over mijn moeilijkheden en worstelingen. Ik hou geen scherm voor van perfectie, roze wolken en maneschijn. En natuurlijk, ik heb die postpartum depressie en een ander niet. Wil dat dan zeggen dat ik ook bestempelt moet worden als zwak of een “dutske”? 

Voor zover ik weet staat er nog altijd niet ‘handle with care’ op mijn verpakking. Ik kreeg te lijden onder iets omdat ik verschillende verkeerde kaarten heb getrokken. Kan anderen ook overkomen, denk ik dan. Toch hou ik niet van die stempel. Ik vind mezelf namelijk niet zwak. In plaats van mijn situatie te ontkennen heb ik het aangedurfd ze in de ogen te kijken en aan te pakken. 

Zwaar werk, maar waardevol werk. En dat leerde me veel. Het deed me inzien dat we over het algemeen niet de gewoonte hebben uit onze comfortzone te kruipen, laat staan dat we toegeven dat de instagramperfectie niet te behalen valt. Het leerde me dat mensen die ervoor uitkomen dat hun wereld niet perfect is bestempeld kunnen worden als dutskes of net gezien kunnen worden als taboedoorbrekers.

Ik hoop tot de laatste groep te behoren en zo mensen te kunnen aanzetten om eerlijk te zijn over hun situatie, goed of slecht. Ik geloof oprecht dat als we dat met z’n allen kunnen, we elkaar ook het gevoel geven niet alleen te zijn in onze moeilijkheden. Dat toegeven dat worstelen geen zwakte is, maar net een sterkte. Zo hoop ik met deze blog het makkelijker te maken voor andere vaders en moeders om ook zo eerlijk te zijn. 

Dit zodat we samen het gevoel hebben sterker te staan. En als ik dat kan waarmaken, dan voel ik me sterk. Dat maakt mijn worstelingen zinvol. 

Daarom, voor alle zogezegde dutskes op deze wereld: wij zijn geen klaagvrouwen of -mannen. Wij zijn gewoon eerlijk, oprecht en hopelijk ook samen sterk. 

DERTIG EN DEPRI

Dertig worden. Het was een fenomeen waarbij ik van bij de gedachte alleen al onder een steen wilde kruipen. Het klonk als iets gruwelijks volwassen, waar ik nog niet klaar voor was. Ondertussen besef ik dat leeftijd gewoon een cijfer is en dat het moederschap onverbitterlijk volwassen maakt. 

Toen ik dertig werd, was ik al een tijdje moeder. Bijgevolg volwassen. Bij volwassen worden hoorde een feestje. Zelf alleen iets organiseren ging me niet vanonder die steen vandaan halen en dus deden we het samen. Twee vriendinnen die mede-dertig werden en ik. 

Er werden locaties besproken, slingers gekocht en afspraken gemaakt. Het gekke was dat ik toen niet veel voelde voor een feestje. Letterlijk dan. Ik voelde geen emotie. Geen blijdschap, geen somberheid. Gewoon niets. 

Toen bestempelde ik dat voor mezelf als zalig neutraal zijn. Alsof het moederschap me de meest uitgebalanceerde versie van mezelf had gemaakt.

Nu zie ik het voor wat het is: een depressieve moeder die haar dertigste verjaardag ging vieren. De zin “It’s my party and I cry if I want too” krijgt op die manier een andere betekenis. Ik heb niet gehuild op mijn eigen feestje, maar wist ik veel dat ik een maand later niets anders meer zou doen.

Toen ik zwanger was zei ik steeds vrolijk tegen mijn man: ‘2019 wordt voor ons het jaar van de drietjes. Ik 30, jij 33 en voor het eerst zijn we een gezin van drie. Daar moeten we een feestje voor geven, het wordt fantastisch!’ 

Nu blijkt dat ik in mijn leven niet veel op heb met het cijfer drie noch met het jaar 2019. 

Het was moeilijk. De aanpassing naar moeder worden en voor het eerst mezelf echt helemaal volwassen voelen. Het was een uitdaging voor onze relatie en voor mijn eigen persoonlijkheid. Ik heb gewerkt en geploeterd om opnieuw in balans te komen. 

Het jaareinde nadert en ik voel het: 31 worden zal beter zijn. Laat ik maar gaan voor het cijfer vier, want drie plus een is vier en vier is deelbaar door 2020.

Het wordt fantastisch!

OCHTEND

Het is nog donker in de slaapkamer wanneer ik het hoor, een kreuntje. Ik begin te tellen. Een, twee, drie. Nog een kreuntje. Vier, vijf, zes. Op de babyfoon beginnen de lichtjes vrolijk te flikkeren. De huilbui, daar is ie dan. 

Slaperig draai ik me om richting de wekker. Vijf uur. Geen uur om een mens wakker te maken, wel om ouders uit hun bed te lichten. Naast me hoor ik mijn man zuchtend zijn kamerjas aantrekken. Ik trek de dons nog wat verder over mijn oren. Het is koud in de kamer. Vandaag werkt de baby- beurtrol in mijn voordeel. Ik draai me om in bed en moet weer even denken aan hoe de afgelopen maanden geweest zijn.

Het was zwaar. Intens. Allesbehalve roze. Gewoon grijs. 

Niet instagramwaardig en laat me nu net tot de instagramgeneratie behoren. Het was niet mooi, niet fris, niet perfect presenteerbaar en al zeker niet wat ik verwachtte. Niet te verbloemen met een filter, maar het was wel echt.Ik ben ook maar een mens en een baby krijgen maakte van mij niet meteen de gelukkigste persoon op aarde. En dat is goed zo. 

Ik trek de dons nog wat hoger en draai me om. Nog even genieten van enkele uurtjes soezen.

HET MOEDERSCHIP

Toen mijn man en ik trouwden had de ambtenaar het de hele tijd over een huwelijksschip en woelig water. Over zeilen aanspannen en weer lossen. Toen vond ik het allemaal lichtjes clichématig overkomen.

Vandaag kan ik zeggen dat je als vrouw evengoed op een moederschip stapt wanneer die baby geboren wordt. Op dat schip moet er vaak water geloosd worden en zit je meer in stormbuien dan op rustige zee.

Terwijl ikzelf zo hevig bezig was met mijn eigen schip, verloor ik de liefde uit het oog. Voor mij was het “Eerst jezelf graag zien, voor je anderen graag kunt zien.”. Daar ben ik dan ook de afgelopen maanden erg mee bezig geweest. 

Nu, op het punt dat ik echt van beterschap kan spreken, vallen de oogkleppen af en zie ik wat er rondom mij gebeurd. Ik begin echt te beseffen hoeveel ik heb kunnen leunen op mijn man in tijden dat ik het echt nodig had. 

‘Een man zoals de mijne, zo maken ze er geen meer’ denk ik vaak. Daar heb ik echt geluk mee. Maandenlang heeft hij getrokken zonder ook maar een keer te klagen. 

Ik kan eerlijk zeggen dat we voor de baby een goede communicatie hadden. Een woord en we begrepen elkaar. 

Groot was dan ook de verbazing dat we nu niet meer een woord, maar een half boek nodig hebben. Ik denk dat we beiden gedacht hebben dat deze depressie een fase was en dat we nadien de relatiedraad gewoon weer gingen oppikken.

De realiteit blijkt anders. In werkelijkheid is het heel erg zoeken, dat is woelig en soms stormachtig. 

Het voordeel is dat we beiden weten dat het eindresultaat zal zijn dat we samen op onze boot blijven zitten. Het vereist wel dat we communiceren met elkaar, ruzie maken, opnieuw het gesprek aangaan en tijd maken voor elkaar. Het is een “relatie-agenda” aanleggen waarbij we op vaste momenten een date plannen. Het is liefde, maar ook werken. Zoals ze dat zeggen met werkwoorden.

Maar werken ben ik ondertussen al gewoon, zo ook mijn man. We hebben een doel voor ogen en daar varen we recht op af. 

Ik kijk er al naar uit. 

Stille zee. Gelukkige zee.

DE KASSA VAN HET LEVEN

Aan de kassa van de supermarkt kwam ik wat tegen. Ik noem het voor het gemak “het leven”. Twee handjes reikten naar elkaar. Zochten contact. Mijn zoontje die rechtop stond in de boodschappenkar en het peutertje voor ons in haar buggy. Een bloeiende romance of gewoon nieuwsgierigheid? Wie zal het zeggen? 

Ik sloeg het tafereel vertedert gade. Zo ook de mama voor me in de rij. We wisselden beleefde blikken uit. Ik voelde dat er iets gezegd moest worden. Bijgevolg haalde ik de meest standaard openingszin boven die je in het moederschap kan gebruiken. ‘Hoe oud is je kindje?’. 

“Oh ja, cliché mom in tha house.” Ik zag aan haar blik dat ze ook had liggen flirten met deze voor de hand liggende vraag. Twee cliché-mama’s in dezelfde wachtrij.

‘Anderhalf is ze nu. En de jouwe?’

‘Die van mij is bijna 1.’

Opnieuw vertederde blikken richting onze kindjes. ‘Dat eerste jaar is toch wel heftig’ zeggen we beide in koor.

Ik kijk verbaast op. Deze moeder is echt een gelijkgestemde ziel. Ze blijkt net als ik ook geworsteld te hebben, diep te hebben gezeten. Sinds ze de kaap van een jaar bereikte met haar dochter, voelt ze rust. Alsof het ergste is gepasseerd.

Zo kan het ook, dacht ik. Gewoon een eerlijk gesprek, zonder schroom, tussen twee vreemden. Ik vind het gek dat dit soort zaken niet vaak voorkomen.  Tussen vreemden alsook tussen bekenden.

Waarom voelen we schroom om te praten over de zaken waarmee we worstelen in het leven? Het leven is geen instagramplaatje en toch maken we het er steevast van.

Of, misschien zijn we beginnen geloven dat het zo moet. Dat je in het leven steeds op de top van de berg dient te lopen terwijl dat maar een korte wandeling kan zijn. Voor je het weet begin je opnieuw aan de afdaling. Soms steil, soms minder steil. Zo ook het moederschap. Het is geen schande om daarover te praten. Het moederschap zou geen race mogen zijn om wie de beste is. Het mag een titel zijn die alle moeders verbindt. Iets wat we met elkaar kunnen delen. Goed of slecht, maar vooral zonder oordeel.

Ondertussen heeft de vrouw voor me afgerekend en voor ze de winkel verlaat werpt ze me nog een laatste glimlach toe.

Wij moeders, wij komen er wel.

ROCK BOTTOM

Het begint beter met me te gaan. En om die reden denk ik tegenwoordig geregeld terug aan het moment waarop het absoluut slecht met me ging. Rock bottom. Op dat moment stond ik op een brug en keek naar beneden. Me afvragend hoe lang het zou duren voor mijn lichaam de grond zou raken. Het is daar op dat punt dat het leven me twee opties gaf. 

De snelle manier van verlossing om rust te vinden of kiezen voor de lange weg.  Het harde werk. Ik wou dat ik kon zeggen dat ik toen een bewuste keuze voor het leven heb gemaakt, maar dat is niet zo. Daar, op dat punt, koos ik voor het leven omdat het me vreselijk leek om andere mensen een trauma te bezorgen. Dat het leven van de occasionele autobestuurder zou veranderen door mijn toedoen wilde ik niet op mijn geweten. Ook wilde ik mijn familie niet op kosten jagen met zo’n dramatisch einde. 

En zo komt het dat ik verder wandelde. Toen ik diezelfde week mijn verhaal deed bij de psycholoog vroeg ze me of er ook andere redenen waren om te blijven leven? Redenen die dichter bij mezelf lagen.

Stilte.

Hoe hard ik er ook over nadacht ik kon ze niet bedenken. Of ik de baby niet wilde zien opgroeien? Of ik niet samen met mijn man voor een stabiel gezin wilde zorgen? Zeer aannemelijke redenen, alleen voelde ik het niet. 

Nu, zoveel maanden later zie ik het leven helemaal anders. Ik ben blij dat ik voor de lange moeizame weg heb gekozen. Op die weg heb ik veel geleerd over mezelf.  Over hoe ik in het leven wil staan en ook over gezinsgeluk. Ik ben blij dat ik ons zoontje kan zien opgroeien en dat ik het allemaal samen mag doen met mijn fantastische man. 

Ik heb een stuk van het leven gezien dat droevig en somber is en dat is goed zo. Dat zijn leerrijke ervaringen. Om die reden wil ik zeggen aan iedereen die worstelt: soms lijkt de weg lang en zwaar, maar het is het waard om de rit te ondernemen.

MISTER GREY

Hier lig ik dan in de zetel met de pyjama nog steeds aan. Een bekend beeld van enkele maanden geleden. Het ging nochtans bijna 2 weken goed. Het ging zelfs zo goed dat ik voor het eerst plezier kreeg in het thuis zijn. Dat ik met de glimlach het huishouden op me nam en zelfs een beetje extra probeerde te doen. Eindelijk kon ik denken: “Na regen komt zonneschijn.” 

Alleen komt na zonneschijn ook weer regen. Ik besef nu pas dat ons leven een aaneenschakeling is van zon en regen. Beide volgen elkaar steeds opnieuw op. Soms zijn er tussenpozen van rust en soms volgen ze elkaar in snel tempo op, maar afwisseling is er steeds. Zo ook vandaag, hier in mijn zetel. Ik zag de zon, maar nu moet ik het weer even doen met de regen. Het is een vrijdag. De dag dat ik voor onze baby dien te zorgen, alleen kan ik niet veel vandaag. Ik had er nochtans wel naar uitgekeken, ons dagje samen. Vandaag wordt overschaduwd door somberte. 

De baby zelf heeft het niet door, merk ik. Is zo enthousiast dat die het vaste dutje in de voormiddag niet nodig heeft. Pech voor mij, want net dat dutje had ik wel nodig. Om de baby alsnog wat te doen te geven, strooi ik wat speelgoed in het rond alvorens zelf in de zetel te ploffen. De baby heeft de hint niet begrepen. Wil aandacht, snapt niet waarom mama niet lacht of meespeelt. Een schuldgevoel overvalt me bovenop al die andere negatieve gevoelens. ‘Hier ligt de meest waardeloze moeder in het universum’ is een gedachte die zich maar blijft herhalen in mijn hoofd. Ik schaam me omdat ik niet sterker ben. Omdat dit stukje miserie een kind op de wereld heeft gezet en er niet naar behoren voor kan zorgen. Dat deze depressieve moeder niet eens zelf naar de crèche kan bellen om te vragen of de baby even mag komen spelen. Een slappeling die haar man laat opdraven van zijn werk om de baby vervolgens naar de crèche te brengen.

Vandaag is een dag van schaamte. Ik schaam me omdat ik geen roze-wolk-moeder ben. Omdat ik vandaag de moed niet vind om mezelf op te trekken. Ik schaam me omdat ik hulp moet vragen waar andere moeders het beter voor elkaar hebben.

Het weekend passeert en ondertussen heb ik die gevoelens van schaamte opnieuw weggewerkt. Dipjes horen bij het leven, alleen zijn de mijne momenteel heviger dan voor de depressie. Er is wel vooruitgang. De dipjes worden korter en ik kom er steeds beter uit. Ik ben geen waardeloze moeder, besef ik nu. Ik ben een vrouw die een tegenslag tegenkwam in het leven en het lef had om de uitdaging uit te gaan. Ik leef het leven. Met regen en met zonneschijn. Ik kan jullie nu vertellen: deze depressie krijgt mij als moeder niet klein. 

NO MOOD ON MONDAY

Vandaag is het maandag. Een maandag zonder Monday blues, want vandaag staat er een brunch op het menu met mijn oude studiegenoten. Ik gebruik hier het woord oud hoewel mijn vriendinnen niet oud zijn. We behoren namelijk allemaal tot de hippe dertigersclub. Alleen zijn we ondertussen wel de schoolbanken en niet elkaar uit het oog verloren. 

Dit gezegd zijnde gaan we brunchen op een maandag. Hoezo? Wel, wij vrouwelijke frisse dertigers werden namelijk allemaal in dezelfde periode voorzien van zwangerschaps-, ouderschaps- en ziekteverlof. Alle mooie fases van het krijgen van kinderen aan dezelfde tafel. Gezellig. Zoals we dat vroeger deden. Of misschien toch een beetje anders? We spreken tegenwoordig over brunch wanneer we gaan ontbijten om 9u en kijken daar niet meer van op. Waar ik vroeger nog zuchtte als iemand durfde voor te stellen te brunchen om 10u zit ik nu om 9u10- ik maak vaak gebruik van het academisch kwartiertje- aan tafel. 

In tegenstelling tot vroeger ben ik ook niet 10 minuten eerder uit bed gerold. Neen, deze ochtend ben ik uit bed gerold om vervolgens onze baby klaar te maken voor de crèche, laadde ik een wasmachine uit, hing ik was op, laadde ik een nieuwe lading in. Plooide ik de was terwijl de baby een poging deed te ‘helpen’ slaagde ik er in het vogelnest te bewerken en een semi wakkere blik te creëren en dat allemaal voor 9u.

Mijn twintigjarige ik zou maar wat graag naar de toekomst komen om me wat kletsen in het gezicht te geven. Ik sta er zelf ook van te kijken. Miss Ochtendhumeur kan sinds het moederschap functioneren in de ochtend. Ik zou hier graag willen schrijven ‘en dat allemaal met de glimlach’, maar zoals jullie weten ben ik nog steeds depressief dus who am I kidding, maar ik doe het wel. Groot contrast met de eeuwige pyama dragende, snikkende zelf is deze opgekuiste versie van mijn depressie best wel goed om mee te leven. Met deze depressiejas kan een mens rustig buiten komen zonder al te gênante situaties tegen te komen.

Ik denk dan ook dat ik voorzichtig kan schrijven dat ik het kan hebben over een herstellende depressie. Deze herstellende depressie ziet er best wel proper en gewassen uit en kan je al eens een occasioneel grapje vertellen. Ze kan buiten komen, leuke dingen doen en er ook erg van genieten, maar het kan de buitenwereld ook de vraag doen stellen of het nodig is dat ik nog in ziekteverlof ben. Voor mij is het antwoord: “ja”. Voor het eerst in maanden vind ik het geen straf meer van de depressie om thuis te moeten zitten. Ik vind er stilletjes aan mijn plezier in om kleine dingen, zoals bijvoorbeeld het huishouden, weer onder controle te hebben en daarna nog energie te hebben voor andere leuke dingen. Ik zie er minder moe uit en kan na een brunch met vriendinnen nog de energie vinden om zaken thuis te doen, waar ik eerder de rest van mijn dag in bed zou hebben doorgebracht. 

Officieel ben ik niet meer in een hokje te plaatsen. Ik ben nog ziek en toch ook sterk genoeg om dingen te doen, om buiten te komen. Bij alle dingen die ik onderneem moet ik me wel steeds afvragen: kan dit nog? Heb ik nog energie? Gaat dit me niet te ver pushen? Het is een nieuw evenwicht dat ik moet zoeken. De buitenkant matcht niet meer helemaal met de binnenkant. Het echte werk gebeurt vanbinnen. Ik zit niet meer in een hokje. Het is tijd om mezelf te ontboxen. 

BODY BOOTCAMP

Welke sportbroek gaan we aandoen vandaag? Een vraag die ik me sinds lang nog eens moet stellen. Sportief, het is niet meteen een woord dat ik momenteel in de mond zou nemen bij een beschrijving van mezelf. Ooit, lang geleden had het wel gekund. Niet dat we dan konden spreken van een strak lijf en zichtbare buikspieren, maar voor ik zwanger werd probeerde ik me toch te houden aan 2 keer per week fitness. Verder ging ik steevast met de fiets naar het werk en aangezien ik geen zittend beroep heb vond ik dat ik qua bewegen best wel goed bezig was.  Ondertussen zijn we 16 maanden verder. In die 16 maanden was mijn voornaamste fysieke activiteit zwanger zijn en ontzwangeren. Niet meer en niet minder dan dat. Genoeg kwalen in beide regionen om me ver weg van het sporten te houden. Wat ik steevast deed.

Daar komt nu verandering in. Onder lichte dwang. Depressieve mensen zijn namelijk niet snel uit zichzelf gemotiveerd en dus heeft mijn man de taak van motivator op zich genomen. Ik kreeg het nummer van een personal coach in mijn handen gedrukt. 

“Fancy”, kun je denken, alleen hebben depressieve mensen blijvende motivatie nodig.  Zo ook vanuit de sportzaal zelf. Verder werd me dagelijks gevraagd of ik al een afspraak had gemaakt. Na twee weken voelde ik de druk die ik nodig had en stuurde ik een sms. Inderdaad, een sms. Zelfs een telefoontje was te veel en gaf minder kans om vanaf het begin een diep trieste indruk te maken.

En zo komt het dat ik vandaag mijn sportkledij aan het uitkiezen ben. Een gezonde geest in een gezond lichaam. Momenteel voel ik me niet geslaagd in beide afdelingen. Er vanuit gaande dat het nooit te laat is voor verandering zeg ik dus: gezond lichaam, here I come!

Na drie lessen wordt het pijnlijk duidelijk dat de weg naar lichamelijk succes best lang zal duren. Ik zit namelijk met een lichaam dat maar wat graag in de zetel wil liggen en niet akkoord is met deze actieve ommezwaai. Vandaag, tijdens mijn derde les, ben ik dan ook voor de derde keer flauwgevallen. Meteen de full option. Benen in de lucht, washandje op het voorhoofd en een glas water binnen handbereik.  Als ik iets doe, dan doe ik het blijkbaar meteen goed. 

Ging dat sporten echter maar vanzelf, toch moet ook hier gewerkt worden. Er zijn grenzen die ik opnieuw moet leren kennen en stapsgewijs moet leren verleggen. Weer een les in niet opgeven. Momenteel de kern van mijn leven. ‘Niet opgeven’. Een postpartum depressie overwinnen doe je niet zomaar. Je doet het niet door in de zetel te blijven liggen en binnen te blijven. Je doet het door aan jezelf te werken. Met dat besef duw ik het laatste beetje schaamte weg en besef dat ik beter op een yogamat kan liggen met een koud washandje op mijn gezicht dan in die eenzame zetel. Ik geef niet op, ik zet door en wie weet word ik opnieuw sportief.

WORK IN PROGRESS

Ik ben wie ik ben. Klinkt mooi. Klinkt als een vrouw die weet waar ze voor staat. Als iemand die ’s ochtends opstaat en zegt: ‘’We beginnen eraan wereld. Ook vandaag zal ik je weeral verbazen!’’ om vervolgens een mantelpak aan te trekken, een koffie ‘on the go’ te bestellen en de wereld ook effectief versteld te doen staan. 

Net achter deze wonder woman, staat in diezelfde wachtrij clueless woman. De out-of-bed-look op z’n best. Jogging aan onder een trenchcoat, zonnebril op de neus, vogelnest in een mini-staartje om mezelf alsnog wat meer cachet te geven. Ook ik sta in deze wachtrij omdat ik een doel diende te verwezenlijken. Een doel om mijn wereld effectief mee te verbazen, want hier sta ik dan. Voor het eerst in tijden is het ver voor 11u en sta ik in een wachtrij om koffie te bestellen.

Ik heb me uit bed gehesen, m’n uiterlijk in beperkte mate gefatsoeneerd en ben de wijde wereld ingestapt. Echt heel wijd is die wereld nog niet. Vijftig meter van mij thuis tot aan het koffiehuisje. Niet ver, maar toch een belangrijke stap in de wereld van herstel. Langs me zie ik mensen de ochtendrush beleven. Iets wat ik ondertussen niet meer ken. Mijn lichaam en geest hebben me op het ‘ochtendslow’ tempo gezet. Mezelf aankleden, de baby naar de crèche brengen en vervolgens een koffie halen om thuis op te drinken. Het is weeral voldoende. Ik voel al, dat zodra ik thuis ben, ik weer zal moeten rusten.

Ik ben wie ik ben nu, maar daarom wil ik niet altijd zijn wie ik ben nu.  Ik wil ook niet terug, want deze periode voelt aan als groeien. Alleen, als ik de mensen rondom mij bezig zie zou ik ook willen meedoen. Gewoon dingen doen, zonder je elke keer te hoeven afvragen of je je grens niet bereikt hebt. Of je niet beter al even wat rust zou nemen omdat je het anders de volgende dag weer zal bekopen? 

Groei is positief en soms ook vermoeiend. Wie ben ik en wie wil ik zijn? Dat is de hoofdvraag in mijn weg naar herstel. Ik ken het antwoord nog niet. Ik ben op zoek. De zelfverzekerde vrouw die net langs me liep, weet zij wel wie ze is? Het zag er allemaal heel zelfverzekerd uit, maar misschien heeft zij net als ik onzekerheden. Wil zij van een passie haar werk maken en durft ze de sprong niet wagen. 

Als je me in een koffiehuisje zou tegenkomen zou je het niet denken, maar ik ben goed bezig. Ik heb de kans gekregen om te groeien en heb die kans met beide handen aangenomen. Geen ontkenning, geen ‘proberen vol te houden’, geen doen zonder nadenken.  Gewoon groeien, met vallen en opstaan, met pieken en dalen en vooral met een blik vooruit, want: ik ben, wie ik ben. 

NIET SCHIETEN

Anderhalve meter was het deze avond, van de douche tot aan de deur. Sinds ik besliste dat het einde verhaal was voor de borstvoeding zijn mijn borsten in protest en dat nogal expliciet. Ze zijn niet akkoord met mijn beslissing. Dat laten ze telkens merken wanneer ik onder de douche sta. Plots laten ze zien dat borstvoeding wel vlot kan en lijken te zeggen: “Kijk nu toch, als we zelfs objecten kunnen raken kunnen we dat babymondje toch zeker voeden?”. Alleen was het te laat voor dit soort acties, mijn besluit stond vast. Het was of borstvoeding en uiteindelijk uit een raam springen of flesjes en een poging doen mezelf bij elkaar te houden. Ik heb voor het tweede gekozen. Lijkt me duidelijk anders was deze blog niet ontstaan met deze depri-moeder in de hoofdrol. Borstvoeding, ik kan er geen hoofdstuk, maar een boek over schrijven. Omdat ik niemand wil vervelen met mijn boek hou ik het vandaag bij een hoofdstuk. Weet alleen dat ik het echt zou kunnen, dat boek schrijven.

Dit hoofdstuk noem ik ‘Keuze’ en dat is het namelijk ook. Borstvoeding is een keuze. Soms voelt het een beetje als iets opgedrongen, maar het blijft en is een keuze. Daarmee bedoel ik dat je overal te lezen krijgt hoe geweldig en fantastisch borstvoeding is voor je baby, voor de band tussen moeder en kind, voor de maatschappij, voor je ecologische voetafdruk en voor je portemonnee. Allemaal zaken die ik zeker niet ga afstrijden, want verschillende onderzoeken toonden dat allemaal aan. Als moeder in spe heb je na het lezen van al deze folders al snel door dat wie het beste wil voor zijn baby voor borstvoeding gaat. 

Het lijkt zo simpel, vrouw met borst en baby met mond. Gewoon even op elkaar aansluiten en het systeem van voeden is begonnen. Allemaal natuurlijk en heel gewoon. Dat het eens niet simpel zou kunnen zijn, daar werd minder op ingegaan. Waarmee ik niet wil zeggen dat ik niet geïnformeerd werd. Ik ging naar de borstvoedingsavond van het ziekenhuis waar ze het hadden over tepelkloven, verstopte melkgangen, borstontstekingen en abcessen.

Achterafgezien heb ik iets gemist in die uitleg. De nadruk op keuze. Borstvoeding blijft altijd een keuze. En als het te pijnlijk wordt omwille van alle ongemakken die ik hierboven opsomde -ik ben jammer genoeg het hele rijtje afgegaan- dan is het goed of zelfs beter over te gaan op flesvoeding. Als je mentale gezondheid eronder komt te lijden is het beter over te gaan op flesjes in plaats van het borstvoeden vol te houden en vervolgens effectief uit een raam te springen. 

Ik ga het eerlijk toegeven, onze borstvoedingscultuur heeft me gekwetst en dat heb ik lang gevoeld. Als je echt erg je best doet voor iets, de pijn verbijt die niet verdwijnt met pijnstilling, je je baby niet goed verzorgt omwille van hoge koorts en je dan beslist te stoppen omdat je mentale gezondheid in het gedrang komt, dan voel je je mislukt. Goede moeders geven borstvoeding. Dat is de onderliggende boodschap van alle folders en info die door mijn handen gingen. Dat had ik er toch van gemaakt. Zelfs in de brochure van Kind en Gezin over flesvoeding wordt in de halve pagina inleiding twee derde besteed aan het nut van borstvoeding. Waarom? Waarom mogen we als moeder niet gewoon kiezen voor flesvoeding zonder schuldgevoel. Daar had ik het moeilijk mee en dat wil ik ook meegeven. In de beslissing die we maken moeten we ons nooit laten leiden door schuldgevoel. Soms word je vrienden met de borstvoeding, soms niet en soms leer je elkaar zelfs helemaal niet kennen. Een goede moeder is een gelukkige moeder. Met of zonder schietende borsten.

VERWACHT HET ONVERWACHTE

Laatst zat ik in de wachtzaal bij de dokter met onze baby. Toevallig zat er naast me een moeder met een baby van dezelfde leeftijd. Stiekem bekeek ik haar vanuit mijn ooghoek. Gestyled haar, subtiele make up, slank figuur, wakkere indruk, fris parfum. Hier zit ik dan, dacht ik. Jogging, afgetrapte sneakers, melkvlekken op mijn T-shirt, donkere kringen onder de ogen en eigenlijk allesbehalve een frisse geur. Wanneer stond ik voor het laatst ook alweer onder de douche? Misschien toch een reminder in mijn agenda zetten voor persoonlijke hygiëne. Een mooie samenvatting van het moederschap. Ik hoopte dat ik die andere moeder ging zijn, alleen draaide dat anders uit. Je kan je voorbereiden zoveel je wil, maar het blijft een feit dat je niet weet wat je echt kan verwachten tot je het meemaakt. ‘Go with the flow’ is eigenlijk een mooie tactiek. Verwacht niets, dan kan je ook niet teleurgesteld worden. Een tactiek die ik vooraf redelijk goed ter harte nam. Nou ja, mijn zwangerschap stak zo erg tegen dat er niet veel ruimte was om te fantaseren over een roze wolk. Het enige waar ik over fantaseerde was dat ik na mijn zwangerschap weer mezelf ging zijn. Alsnog werd ik op dat gebied behoorlijk teleurgesteld. Na de geboorte van een baby word je namelijk iets extra. Je wordt moeder en moet weer opzoek naar een nieuw evenwicht in je leven. Waar eindigt het moeder zijn en waar start je met jezelf zijn?

Een pluspunt voor ons was dat we het geslacht van onze baby niet wilden weten. Een behoorlijk vreemde keuze hoorden we vaak in onze omgeving. Mij hielp het echter om me niet te veel voorstelling te maken van de toekomst. Had ik me vooraf voorgesteld hoe het leven me ging afgaan met een jongen of een meisje was ik misschien meer teleurgesteld geweest.

Soms vraag ik me af waarom wij met z’n allen zo lijken te worstelen met de verschillende rollen waarmee we te maken krijgen? Toen ik onlangs nog eens aan het scrollen was op Instagram zag ik ineens het licht. Ik bekeek een filmpje van een of andere hoogzwangere influencer die het nodig vond een rondleiding te geven in de toekomstige babykamer. Toen ik die perfecte kamer zag alsook de zorgvuldig weggemaquilleerde donkere kringen onder haar ogen, wist ik het. Hier worden we niet gelukkig van. Al die pracht en praal heeft een keerzijde. Wat er perfect uitziet op film is imperfect achter de schermen. We proberen krampachtig een beeld op te hangen van een sprookjesbestaan dat we vergeten dat leven ook echt te beleven. Wat maakt het die baby uit dat hij slaapt op een roze matrasje en zijn gevoeg mag doen in een pampertje met roze hartjes?

Door de jaren heen zijn we ons als moeder meer druk gaan opleggen op gebieden die mijns inziens niet behoren tot de essentie van ons bestaan. Sinds het bestaan van de mensheid worden er baby’s geboren. Hoe baby’s op de wereld komen is niet veranderd, het is de manier hoe we er naar zijn gaan kijken die maken dat het moederschap een zware opgave wordt. Perfecte haren, een fit gestel, een interessante job, een druk sociaal leven en dat allemaal vlot in combinatie met het moederschap. Niet moeilijk dat we moe zijn, dat we teleurgesteld zijn in hoe het moederschap uitdraaide. De verwachtingen liggen gewoonweg te hoog. En dat terwijl baby’s op de wereld komen met een open blik. Ze kennen geen Instagram perfectie en verwachten deze ook niet. Ze verwachten nog steeds dezelfde dingen zoals ze dat deden bij onze moeders en grootmoeders. Een volle maag, voldoende rust en bovenal veel liefde en warmte. Het is iets wat wij als moeders allemaal kunnen geven. Daar hebben we geen perfecte kapsels voor nodig of een drukbezet leven, daar moeten we gewoon moeder voor zijn.

Winkelen

Naar de winkel gaan, daar ben ik, al zeg ik het zelf, de laatste jaren best goed in geworden. Ik plan maaltijden voor de week, maak een boodschappenlijstje en haal wat we nodig hebben. Soms echter, durf ik al eens wat af te wijken. Zo ook vandaag wanneer ik zie dat de vaatwastabletten in promo staan. En wat voor een promo. Ik weet het, soms kan ik extreem huiselijk zijn. Mijn twintigjarige-ik zou met de ogen draaien wanneer ze zou zien hoe enthousiast mijn dertigjarige-ik wordt van deze promo.

Zoveel tabletten, voor zo’n klein prijsje. Inladen die handel, want vaatwastabletten is wat we nodig hebben in ons huishouden. Die zijn dan ook bijna op. Toch?

“Ik weet het, soms kan ik extreem huiselijk zijn.

Mijn twintigjarige-ik zou met de ogen draaien

wanneer ze zou zien hoe enthousiast mijn dertigjarige-ik wordt van deze promo.”

Of toch niet? Thuis aangekomen merk ik dat mijn geheugen weer enorme steken heeft laten vallen. Er staan namelijk reeds twee gigantische dozen met vaatwastabletten naar me te lachen… Vijfhonderd vaatwastabletten in huis, dat is toch de droom van ieder huishouden, niet?

Ook last van zwangerschapsbrein nadat je een baby op de wereld zette? Lees er alles over in ‘Roze wolken en tequila’.